WhatsApp verliest rechtszaak van Nederlandse privacywaakhond

De chatapp WhatsApp heeft een rechtszaak verloren van de Autoriteit Persoonsgegevens, de Nederlandse privacywaakhond.

Resultaat van de uitspraak is dat WhatsApp in Nederland een officiële vertegenwoordiger moet aanwijzen, om te voldoen aan de Wet bescherming persoonsgegevens. Dat meldt de rechtbank Den Haag dinsdag.

Als WhatsApp geen vertegenwoordiger aanwijst, krijgt het bedrijf een dwangsom van 10.000 euro per dag opgelegd. Dit kan oplopen tot een maximum van 1 miljoen euro.

WhatsApp heeft momenteel geen personeel in de Europese Unie. Moederbedrijf Facebook heeft wel verschillende kantoren in de EU, waaronder in Amsterdam.

Privacywet

In 2013 concludeerde de Autoriteit Persoonsgegevens, die toen nog het College bescherming persoonsgegevens (CBP) heette, dat WhatsApp op verschillende vlakken de Nederlandse privacywet overtrad.

De waakhond had er onder meer bezwaar tegen dat de app toegang vereist tot het gehele contactenboek, en dat die contacten ook door WhatsApp werden verwerkt en opgeslagen. Zo kreeg de app ook gegevens van niet-gebruikers binnen.

In 2014 legde het CBP daarom een last onder dwangsom op, zo blijkt nu. WhatsApp tekende bezwaar aan.

In november 2015 concludeerde het CBP dat WhatsApp wijzigingen had doorgevoerd, waardoor de privacy van niet-gebruikers beter werd beschermd. De appmaker erkende de bevoegdheid van het CBP nog altijd niet en wilde geen vertegenwoordiger in Nederland aanstellen.

Servers

WhatsApp stapte naar de rechter om de dwangsom alsnog van tafel te krijgen. In de rechtbank voerde WhatsApp onder meer aan dat de app niet kan worden gezien als verantwoordelijke voor gegevensverwerking, zoals de Nederlandse wet dat omschrijft, omdat het bedrijf hier geen personeel heeft en enkel werkt met servers in de VS.

De rechtbank besloot dinsdag echter dat de verwerking van gegevens gebeurt op Nederlandse smartphones, en dat WhatsApp dus wel verantwoordelijk is onder de Nederlandse wet. Het bedrijf moet daarom een vertegenwoordiger in Nederland aanstellen.

Het is volgens de rechter irrelevant dat er in 2018 Europese regels in werking treden, die bedrijven verplichten om in de hele EU minstens één vertegenwoordiger aan te wijzen als persoonsgegevens worden verwerkt.

Verwachting

"WhatsApp is eigenlijk niet meer weg te denken uit ons leven, zo'n 10 miljoen Nederlanders gebruiken het", zegt een woordvoerder van de Autoriteit Persoonsgegevens dinsdag. "Je mag van een bedrijf als WhatsApp verwachten dat ze hier op zijn minst een vertegenwoordiger hebben. Burgers kunnen dan beter hun recht halen, en wij kunnen beter controleren of ze aan de wet voldoen."

De woordvoerder wilde niet ingaan op de vraag of de uitspraak betekent dat ook kleinere apps nu een Nederlandse vertegenwoordiging moeten hebben, als zij persoonsgegevens verwerken.

WhatsApp laat bij monde van een woordvoerder weten de uitspraak te bestuderen.

Tip de redactie