Israël valt Houthi-doelen in Jemen aan na raketinslag bij luchthaven Tel Aviv
Het Israëlische leger heeft maandag luchtaanvallen uitgevoerd op Hodeidah, de havenstad in Jemen die in handen is van de Houthi-rebellen. Israël noemt de aanval een vergelding voor de raket van de Houthi's die zondag insloeg bij de luchthaven van Tel Aviv.
Israël zegt dat minstens twaalf doelen te hebben aangevallen. Daarbij zijn twintig gevechtsvliegtuigen ingezet en vijftig raketten of bommen gebruikt.
Israël spreekt van een vergelding voor "herhaaldelijke aanvallen" van Houthi's tegen Israël. De Israëlische aanval lijkt een directe reactie op de raket van de Houthi's die zondag insloeg vlak bij de luchthaven van Tel Aviv. Daarbij raakten zes personen lichtgewond. De Israëlische defensieminister Israel Katz had na de aanval al met vergelding gedreigd.
Eerste inslag bij Israëls grootste luchthaven
Houthi-rebellen bestoken Israël al langer met raketten. Op die manier willen de Houthi's de Palestijnen in de Gazastrook steunen in de oorlog tegen Israël. Veel raketten worden onderschept door het Israëlische luchtafweersysteem.
De aanval van zondag was de eerste succesvolle poging van de Houthi-rebellen om het gebied rond de internationale luchthaven van Tel Aviv te raken. De Houthi's beweerden meteen dat meer aanvallen zouden volgen en ze een "blokkade" van de grootste luchthaven van Israël zouden opwerpen.
Tegelijk riepen ze internationale luchtvaarmaatschappijen op vanwege de aanvallen alle internationale vluchten naar Tel Aviv te annuleren. Tot nu toe hebben ze het gebied rond de luchthaven nog niet met een tweede raket kunnen raken.
