Burgers, vooral kinderen, worden het zwaarst getroffen door de Israëlische aanvallen op de Gazastrook. Dit hebben de Verenigde Naties dinsdag beklemtoond.

''Er is letterlijk geen enkele veilige plek voor burgers''', zei Jens Laerke van het hulpcoördinatiebureau van de VN (OCHA) in Genève. Zeker één op de drie burgerslachtoffers is jonger dan 18 jaar, aldus Unicef-medewerkster Juliette Touma.

Meer dan 500 mensen zijn sinds 8 juli gedood door de Israëlische beschietingen en aanvallen, onder wie 121 kinderen. Onder de gewonden zijn meer dan negenhonderd kinderen.

Meer dan 100.000 kinderen hebben psychische bijstand nodig als gevolg van de traumatische ervaringen, zoals de dood van naasten, de verwoesting van hun huizen of de pijn en mogelijk blijvende gevolgen van hun verwondingen.

Dinsdag bombardeerde Israël in Gaza een school van de VN-vluchtelingenorganisatie Unwra. Het pand was enkele uren eerder ontruimd en er vielen geen gewonden.

Maandag en in de nacht van maandag op dinsdag bombardeerde Israël tal van burgerdoelen, inclusief moskeeën en een ziekenhuis. In het ziekenhuis vielen vier doden. In panden van de Unwra hebben meer dan 100.000 Palestijnen een heenkomen gezocht.

Maar vrijwel overal is gebrek aan water en eten. De stroomvoorziening werkt meestal niet en daarmee ligt ook de waterzuivering stil. Naar schatting 1,2 van de 1,8 miljoen inwoners van de smalle strook van 360 vierkante kilometer hebben geen of nauwelijks meer drinkwater, aldus Laerke.

Overzicht: Dit moet u weten over de escalatie tussen Israël en de Palestijnen l Dossier Midden-Oostenconflict