Gijs van Dam, de televisieproducent die Jelle Brandt Corstius eerder aanklaagde wegens laster en smaad nadat hij door de schrijver en presentator van verkrachting werd beschuldigd, heeft een nieuwe klacht ingediend bij de rechtbank.

Dat zegt de advocaat van Van Dam, Peter Plasman, in gesprek met Trouw. De aanklacht is een reactie op uitlatingen van Brandt Corstius in de persverklaring die hij uitgaf nadat bekend werd dat het OM niet tot vervolging over zou gaan.

In die verklaring werd Van Dam volgens zijn advocaat Plasman door Brandt Corstius in één adem genoemd met personen als Harvey Weinstein en Bill Cosby, die verdacht worden van seksueel misbruik. Ook stelde hij in die verklaring dat Van Dam leiding gaf, wat volgens Plasman onjuist is.

"Dat is, als je het mij vraagt, één grote, valse getuigenis. Alweer. We hebben inmiddels een nieuwe aanklacht wegens smaad bij de officier van justitie ingediend", aldus de raadsman.

Van Dam heeft seksueel contact nooit ontkend

Van Dam en Brandt Corstius hadden beiden een zaak tegen elkaar lopen. Volgens de presentator zou hij in 2002 door Van Dam gedrogeerd en tot seks gedwongen zijn. Dit vertelde hij - zonder de naam van Van Dam te noemen - in een stuk in Trouw, ten tijde van het #metoo-debat. In die periode lieten niet alleen veel bekende buitenlandse acteurs en actrices, maar ook bekende Nederlanders weten in het verleden seksueel misbruikt te zijn.

Van Dam heeft het seksuele contact, dat in 2002 plaatsvond toen beiden bij de talkshow Barend & Van Dorp werkzaam waren, nooit ontkend. Wel zegt hij dat er geen sprake was van dwang of drogeren.

Van Dam klaagde Brandt Corstius vervolgens aan voor smaad. Op 19 juli werd bekend dat in beide zaken niet tot vervolging overgegaan wordt, omdat er onvoldoende aanwijzingen zijn.

Het OM van Amsterdam bevestigt aan NU.nl dat de aanklacht van Van Dam inderdaad binnen is.