Woody Allen is van mening dat hij de 'posterboy' voor de #metoo-beweging zou moeten zijn, aangezien hij in zijn hele carrière door geen enkele actrice is beschuldigd van wangedrag. 

In een interview met het Argentijnse programma Periodismo para todos vertelt de regisseur een groot voorstander te zijn van de #metoo-beweging, zo schrijft Variety. 

"Ik zou de posterboy van de beweging moeten zijn. Ik werk al vijftig jaar in de filmwereld. Ik heb met honderden actrices gewerkt en niet één van hen heeft ooit enige vorm van ongepastheid gesuggereerd. Ik heb altijd uitstekend met hen samengewerkt."

De 82-jarige regisseur wordt door zijn adoptiedochter Dylan Farrow al jarenlang beschuldigd van seksueel misbruik. In het nieuwe interview zegt Allen dat "elke situatie waarin iemand valselijk wordt beschuldigd" triest is. Hij benadrukte het vervelend te vinden dat hij wordt vergeleken met mannen als Harvey Weinstein. "Dat zijn mensen die door 20, 50,100 vrouwen worden beschuldigd van misbruik."

In het geval van Dylan zegt Allen dat "de autoriteiten daar 25 jaar geleden al naar hebben gekeken en het is onwaar. Daarmee is de kous af en ik ben doorgegaan met mijn leven. Het is verschrikkelijk dat die zaak nu weer wordt opgerakeld. Ik ben een man met een gezin en kinderen van mezelf."

Scheiding

Farrow zei eerder dat het vermeende misbruik in 1992 plaatsvond, toen ze 7 jaar oud was. Allen zou zijn adoptiedochter mee naar de zolder hebben genomen en haar hebben gevraagd om op haar buik te liggen en met een speelgoedtrein te spelen. Vervolgens zou hij haar hebben misbruikt.

Allen vertelde eerder dat zijn ex Mia Farrow, met wie hij dertien jaar samen was, hun kinderen na de scheiding opstookte. De regisseur mocht naar eigen zeggen geen contact meer hebben met Dylan, omdat Mia boos was dat hij een relatie kreeg met Soon-Yi, Mia's adoptiedochter.