'Ouder wordende millennials goed voor aandelen'

Eindelijk, na jaren van gruwelverhalen over de economische impact van het groeiend aantal gepensioneerden in de Verenigde Staten, is er enig goed nieuws voor aandelen. 

Dat schrijft columnist Mark Hulbert van MarketWatch.

Na ten minste twee decennia waarin meer mensen met pensioen gingen dan er begonnen met werken, keert het tij. Voor de komende twee decennia zal het juist precies het omgekeerde zijn. Met andere woorden, de demografische gegevens in de VS staan op het punt om te draaien van een harde tegenwind naar krachtige rugwind voor de aandelenmarkt.

Sterk genoeg

Voor dit alles kunnen we de millenniumgeneratie bedanken, die bestaat uit degenen die zijn geboren in de jaren tachtig en negentig. Hoewel die generatie niet zo groot is als de beruchte babyboomgeneratie die eraan voorafging, is ze nog steeds groot genoeg om een sterke economische kracht te vertegenwoordigen.

"Om zeker te zijn, richt ik me op de economie als geheel, wat niet betekent dat de vooruitzichten van elk individu op het vlak van pensioenen beter worden. Zoals vaak in de afgelopen jaren is opgemerkt, hebben veel mensen niet genoeg gespaard en geïnvesteerd. En een sterkere opwaartse trend op lange termijn op de aandelenmarkt kan een gepensioneerde in die positie niet redden", aldus Hulbert.

Maar de aanstaande verschuiving in de demografische trend is goed nieuws voor degenen die hun pensioenportefeuilles zwaar op de aandelenmarkt hebben belegd.

MY-ratio

Hulbert kijkt naar een demografische indicator die volgens onderzoekers een sterke correlatie heeft met de aandelenmarkt, namelijk: de verhouding van de populatie van middelbare leeftijd tot die van de jongere leeftijdscategorie, bekend als de MY-ratio. Volgens een aantal academische studies presteert de aandelenmarkt beter wanneer de MY-ratio stijgt dan wanneer deze daalt.

Wanneer de MY-ratio wordt afgezet tegen de voor inflatie gecorrigeerde S&P 500 dan blijkt dat die in 2016 de bodem bereikte en gedurende twee decennia opwaarts zal stijgen.

Volgens Alejandra Grindal, Senior International Economist voor Ned Davis Research, blijkt uit onderzoek dat de MY-ratio "in de VS een behoorlijk goede staat van dienst heeft gehad, waarmee het begin en het einde van sommige seculiere bull en bearmarkten werd bepaald". Het dieptepunt van de beurs in 1981 en het hoogtepunt in 2000 zijn enkele van de meest spectaculaire successen van de MY-ratio.

Ook de correlatiecoëfficiënt van 0,71 tussen de MY-ratio en de op inflatie gecorrigeerde Dow-Jonesindex is indrukwekkend hoog. Deze coëfficiënt zou 1,0 zijn als de twee gegevensreeksen volledig gecorreleerd waren, en 0 als er geen enkele correlatie was.

Geen beursvoorspeller

De MY-ratio is volgens Hulbert echter geen perfecte beursvoorspeller, en de periode sinds 2000 is hiervan een goed voorbeeld. Omdat de verhouding sindsdien gestaag is gedaald, zou de aandelenmarkt immers vandaag de dag veel lager moeten zijn dan toen.

Maar volgens Grindal moeten we niet te snel zijn om de MY-ratio als mislukt te beschouwen. Zonder het buitengewone kwantitatieve verruimingsbeleid van de Federal Reserve in het afgelopen decennium is het bijvoorbeeld niet onwaarschijnlijk dat de aandelenmarkt vandaag veel lager zou zijn. In elk geval vonden er in de jaren sinds 2000 twee van de slechtste bearmarkten in de Amerikaanse geschiedenis plaats.

Ook wijst Hulbert erop dat zelfs met het ultra-soepele beleid van de Fed de aandelenmarkt deze eeuw achter blijft bij het gemiddelde. In de periode van 2000 tot 2016, toen de MY-ratio een bodem bereikte, bedroeg het voor inflatie gecorrigeerde rendement van de S&P 500 slechts 0,1 procent op jaarbasis, terwijl de Nasdaq een verlies liet zien van 0,7 procent op jaarbasis. Het voor inflatie gecorrigeerde rendement van aandelen in de afgelopen twee eeuwen ligt volgens Jeremy Siegel van de Wharton School tussen 6 procent en 7 procent op jaarbasis.

Loftrompet

Hulbert merkt wel op dat, zelfs als de voorspelling van de MY-ratio juist blijkt te zijn, deze van toepassing is op de langere termijn en de aandelenmarkt over 10 tot 15 jaar aanzienlijk hoger zou moeten zijn. De ratio heeft geen voorspellende kracht voor het verloop van de aandelenmarkt op korte termijn. En hoewel de aandelenmarkt in 2030 naar verwachting hoger zal zijn, betekent dat niet dat er onderweg niet wat bearmarkten op de loer liggen. 

"Toch, zoals Grindal opmerkt, zijn demografische gegevens een van de weinige indicatoren die je op de lange termijn nauwkeurig kunt voorspellen. En voor het eerst in vele jaren kunnen de bulls stoppen met de ontkenning van demografische indicatoren en de loftrompet steken", concludeert Hulbert.

Bekijk ook: Correctie moeilijk voor te stellen door euforie

Tip de redactie