Nederland is voor het derde achtereenvolgende jaar een plek gezakt op de wereldranglijst van landen met de meeste persvrijheid, blijkt uit de persvrijheidsindex van Reporters Without Borders. Inmiddels bezet ons land de zesde plaats in een lijst met 180 landen.

De daling is onder meer een gevolg van het toenemende geweld richting journalisten. De laatste maanden hebben zich een aantal ernstige misdaden afgespeeld waarbij verslaggevers het doelwit waren. In de eerste vier maanden van dit jaar kreeg meldpunt PersVeilig al meer dan honderd meldingen van aanvallen.

Daarnaast worden media, ook door politici, regelmatig afgeschilderd als 'bronnen van nepnieuws' en 'vijanden van het volk'. Wereldwijd werden er in 2020 ten minste 42 journalisten gedood vanwege hun werkzaamheden. Nog eens 235 journalisten zouden om eenzelfde reden in de cel zitten.

De eerste plek in de lijst wordt bezet door Noorwegen, gevolgd door Finland, Zweden en Denemarken. Costa Rica sluit de top vijf af. Eritrea is op de 180e plek de hekkensluiter. Hier hebben media met de strengste censuur te maken. Volgens het Committee to Protect Journalists (CPJ) fungeren de media in dat land "volledig als spreekbuis van de regering en is elke vorm van objectieve journalistiek uitgebannen en verboden".

De persvrijheidsindex van Reporters Without Borders wordt samengesteld op basis van verschillende criteria. Daaronder zit de representatie van verschillende opinies, de onafhankelijkheid van media, de techniek en productiewijze van nieuwsmedia en het geweld tegen journalisten.