De maximumsalarissen van topbestuurders van publieke omroepen gaan vanaf 1 januari met tienduizenden euro's omlaag, zo maakt minister Arie Slob (Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media) donderdag bekend.

Momenteel geldt voor topbestuurders het algemene maximum van de Wet normering topinkomens (ook wel bekend als de Balkenende-norm), wat neerkomt op 209.000 euro in 2021.

Alle bestuurders kunnen evenveel verdienen, ongeacht de grootte van de omroep, het bereik en het aantal leden. Dat is volgens Slob niet goed uit te leggen aan de samenleving. "Met publiek geld moet je zorgvuldig omgaan. Daarom heb ik passendere en lagere maxima vastgesteld. Zo is het ook in andere sectoren geregeld."

Voortaan worden de publieke omroepen onderverdeeld in vier categorieën, waar bijbehorende salarissen aan gekoppeld zijn. Voor de categorieën wordt onder meer gekeken naar het bereik van een omroep en het aantal leden. Hoe complexer, hoe hoger de maximale beloning.

Zo kunnen bestuurders van PowNed en Omrop Fryslân vanaf volgend jaar bijvoorbeeld maximaal 148.000 euro verdienen, terwijl het bij de NTR en Omroep Brabant om 176.000 euro gaat en bij de EO, MAX, STER en VPRO om 193.000 euro.

De maatregel van Slob betekent dat zo'n 25 van de bijna 40 topbestuurders de komende jaren minder gaat verdienen. De salarissen van zittende bestuurders moeten in maximaal zeven jaar worden afgebouwd.