Alberto Stegeman gaat in hoger beroep tegen de geldboete van 2.000 euro die hij maandag opgelegd heeft gekregen van de rechtbank Gelderland. Dat laat de programmamaker weten aan NU.nl. De presentator plaatste in 2018 voor het programma Undercover in Nederland een koffer in een eetzaal van een militaire kazerne in het Gelderse Oldebroek. De koffer werd aangemerkt voor nepbom en daarom werd er een zaak gestart tegen de programmamaker.

Eerder werd een werkstraf van 120 uur, waarvan 40 uur voorwaardelijk, geëist tegen Stegeman. "Omdat Stegeman handelde vanuit een journalistieke gedachte en in naam van zijn beroep, legt de rechtbank geen taakstraf maar een geldboete op", aldus de rechtbank.

De presentator laat aan NU.nl weten in hoger beroep te gaan. "Ik vind dat ik helemaal geen straf verdien en dat ik vrijspraak moet krijgen", aldus Stegeman.

"We hebben vastgelegd dat zowel beveiliging aan de poort als op het terrein te wensen overlaat. Er zijn miljoenen aan gespendeerd, journalisten moeten dat kunnen controleren. En dat hebben we binnen de lijntjes gedaan."

Stegeman werd in 2014, toen hij voor zijn programma een KLM-personeelspas vervalste, veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete. De rechtbank vindt een onvoorwaardelijke geldboete daarom een passende straf.

De programmamaker, die overigens niet in de rechtszaal aanwezig was, deed een beroep op de journalistieke exceptie, maar de rechtbank gaat hier niet in mee. "Stegeman beschikte niet over concrete informatie om te kunnen spreken over een misstand dat hij aan de orde kon stellen", aldus de rechtbank.

Ook oordeelt de rechtbank dat Stegeman de intentie had om anderen ten onrechte te doen geloven dat de bom kon ontploffen. De presentator bereikte dit door de koffer onbeheerd achter te laten.

'Stegeman overschreed strafrechtelijke grens'

De koffer bevatte papieren, een telefoon, 32 schroeven, klei in een bakje (dat de nepbom moet voorstellen), foto's met zijn gezicht, dat van minister Ank Bijleveld (Defensie) en een kaartje met zijn telefoonnummer. Het was zijn doel om de beveiliging van de legerplaats te testen en hij wilde kijken tot waar hij de koffer kon brengen. Hij en de chauffeur die hem begeleidde, waren verkleed.

De Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EOD) kwam er uiteindelijk aan te pas, die concludeerde dat er geen echte bom in de koffer zat.

Met het achterlaten van een nepbom overschreed Stegeman volgens justitie een strafrechtelijke grens. Het Openbaar Ministerie (OM) stelde bij de strafeis dat "juist echte bommen vanuit de buitenzijde niet als zodanig herkenbaar zijn".

Volgens de presentator zou een "echte nepbom er heel anders uitzien". "Het is een Bassie & Adriaan-knutselwerk", zo zei Stegeman tijdens de zitting waarin de strafeis bekend werd. Hij stelde dat hij niet te ver ging en dat zijn actie "absoluut binnen de grenzen van het betamelijke ligt".