De ministerraad heeft ingestemd met de plannen van minister Arie Slob voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media om de publieke omroep deels reclamevrij te maken. De minister hoopt hiermee de publieke omroep meer toekomstbestendig te maken. NU.nl zet op een rij wat er nu precies verandert voor de televisiekijker.

Op 5 juni werd al bekend dat de publieke omroep deels reclamevrij zou worden. Bronnen meldden destijds aan NU.nl dat de coalitie een overeenstemming had bereikt over de plannen.

De inkomsten die de NPO behaalt uit reclame zijn de afgelopen jaren afgenomen en verwacht wordt dat deze tendens zich in de nabije toekomst voort zal zetten. Het kabinet hoopt de NPO onafhankelijk te maken van reclame-inkomsten en daarmee meer financiële stabiliteit te bieden.

NPO-voorzitter Shula Rijxman zegt in een eerste reactie op de brief van minister Slob dat het de zorgen over de financiering niet wegneemt. "De maatregelen kunnen leiden tot opnieuw een grote bezuiniging, die onze hele programmering en programmamakers hard zal gaan raken. De mediaplannen van het kabinet bieden helaas niet de gehoopte langetermijnzekerheid voor een stabiele publieke omroep voor iedereen."

Geen reclame meer vóór 20.00 uur

De publieke omroep zal vanaf 2021, wanneer de maatregelen van kracht worden, geen reclame-uitingen meer uitzenden vóór 20.00 uur. Met deze maatregel hoopt het kabinet de publieke omroep minder afhankelijk te maken van reclame-inkomsten en tegelijkertijd moet dit ervoor zorgen dat kinderen bij het kijken van televisie minder worden geconfronteerd met reclame.

Er zijn echter wel uitzonderingen op de regel. In de brief van de minister valt te lezen dat bij uitzendingen van grote sportevenementen, zoals bijvoorbeeld de Olympische Spelen, reclames overdag wél worden toegestaan. De maatregelen zijn vooralsnog alleen van toepassing op televisie. De reclame op de radio blijft ongewijzigd.

Ook online geen reclame meer van de publieke omroep

Naast de maatregel om de televisiereclame te beperken, is ook besloten om onlinereclame-uitingen bij de publieke omroep volledig te weren. Ook bij deze maatregel speelt de bescherming van kinderen een grote rol. In de brief valt te lezen dat kinderprogramma's steeds vaker online worden geconsumeerd. Mede daarom is dus besloten ook onlinereclame te bannen.

Daarnaast wordt opgemerkt dat adverteerders online steeds vaker gebruikmaken van de persoonlijke gegevens van bezoekers van de website, wat volgens het kabinet in strijd is met de waarden van een publiek gefinancierde omroep.

Tegelijkertijd wil het kabinet dat de NPO zich meer gaat richten op het gebruik van verschillende platformen om content te verspreiden. Zo wordt aangedrongen op het maken van content specifiek voor onlineplatformen om op die manier meer jongeren te bereiken.

NPO3 wordt NPO Regio

Doordat de reclame-inkomsten wegvallen, loopt de publieke omroep volgens de cijfers van het kabinet zo'n 60 miljoen euro mis. Vanaf 2020 wordt de rijksmediabijdrage verhoogd met 40 miljoen euro. Dat betekent dat de publieke omroep het naar schatting met 20 miljoen euro minder moet gaan doen.

Het kabinet heeft besloten dat NPO3 niet in de huidige vorm zal blijven bestaan. Er is gekozen om NPO3 te veranderen in NPO Regio. De regionale omroepen mogen hierbij regionaal aanbod ontwikkelen voor of beschikbaar stellen aan de landelijke publieke omroep, wat mogelijk kan zorgen voor content met lagere productiekosten. Het kabinet stuurt aan op een nauwe samenwerking tussen de landelijke, regionale en lokale media.

NPO-voorzitter Rijxman vreest juist dat de maatregelen de publieke omroep 'minder slagvaardig maken' en dat het juist ten koste gaat van het aanbod voor jongeren. "Zeker als NPO3 wordt omgevormd tot een regiozender zal ons bereik onder jongeren drastisch afnemen en jong talent steeds minder kansen krijgen bij de publieke omroep."

Inperken van salarissen van presentatoren

In de brief van de minister wordt ook aandacht besteed aan de voortdurende discussie over de Wet normering topinkomens, waarbij de salarissen van topfunctionarissen en presentatoren bij de publieke omroep binnen maatschappelijk verantwoorde grenzen moeten worden gebracht.

Slob stelt in de brief dat de hoge inkomens een bron van "toenemende irritatie" zijn. Het kabinet benadrukt een einde hieraan te willen maken en gaat met de NPO in gesprek over "verdere afbouw van het aantal medewerkers dat boven de gestelde maxima verdient".