Nederland is een plek gezakt in de wereldranglijst van landen met de meeste persvrijheid. In het jaar 2017 behaalde ons land nog een derde plaats, in 2018 kwam Nederland uit op plek vier, blijkt donderdag uit de jaarlijkse index van Reporters Without Borders.

De organisatie stelt dat de persvrijheid in Nederland nog altijd zeer gewaardeerd wordt, maar dat er meer druk op media is ontstaan door de opmars van populistische politiek. Politici zouden de geloofwaardigheid van traditionele media in twijfel trekken en soms de pers weren bij vergaderingen. Daarnaast zouden verslaggevers online bedreigd worden.

Reporters Without Borders noemt daarnaast de aanslagen op de kantoren van Panorama en De Telegraaf. In 2018 werden die gebouwen aangevallen met respectievelijk een antitankwapen en een brandend bestelbusje.

Ondanks deze acties blijven de Nederlandse media zelfverzekerd en onafhankelijk, stelt Reporters Without Borders. De media hebben niet te maken met inmenging door de overheid of andere partijen.

Ranglijst wordt opnieuw aangevoerd door Noorwegen

De wereldranglijst wordt nog altijd aangevoerd door Noorwegen. Finland steeg van plek vier naar de tweede plaats en Zweden volgt op plek drie. Turkmenistan eindigde op plek 180, de laatste plaats. In dat land heerst strenge censuur en worden de media volledig gecontroleerd door de overheid. Noord-Korea, Eritrea en China staan vlak boven Turkmenistan.

De persvrijheidsindex van Reporters Without Borders wordt samengesteld op basis van verschillende criteria. Daaronder zit de representatie van verschillende opinies, de onafhankelijkheid van media, de techniek en productiewijze van nieuwsmedia en het geweld tegen journalisten.