Het nieuwsaanbod omtrent de gemeenteraadsverkiezingen van maart is niet goed aangesloten op de behoefte van nieuwsgebruikers.

Dat blijkt woensdag uit onderzoek van het Stimuleringsfonds voor de journalistiek. De kiezers vonden zorg het belangrijkste thema van de gemeenteraadsverkiezingen, maar dat onderwerp bleef onderbelicht.

Het gros van de landelijke aandacht ging uit naar het verloop van de campagne en de schandaaltjes rond kandidaat-raadsleden die gaandeweg naar buiten kwamen. Regionale en lokale media berichtten daarnaast vooral over criminaliteit en veiligheid en over kunst en cultuur.

Het onderzoek werd in negen gemeenten verspreid over Nederland gehouden. Daarbij hebben onderzoekers gekeken naar het nieuwsgebruik, nieuwsaanbod en de invloed daarvan op het stemgedrag bij de kiezers in Almere, Amsterdam, Bunschoten, Enschede, Langedijk, Nijmegen, Roermond, Rotterdam en Smallingerland.

De resultaten zijn gekoppeld aan stemgedrag. Mensen die voornamelijk regionale en lokale media gebruiken, blijken de trouwste stemmers en vertegenwoordigen volgens de onderzoekers het hoogste opkomstpercentage.

Volgens het Stimuleringsfonds spelen media geen of een bescheiden rol in het stemgedrag. Kiezers hebben echter wel veel behoefte aan regionale en lokale berichtgeving over thema's die mensen raken, zeker in verkiezingstijd. De onderzoekers stellen dat er op dat gebied veel winst te behalen valt voor media.

Ook bij de vorige verkiezingen in 2014 bleek het nieuwsaanbod niet aan te sluiten op de wensen van de mediagebruikers, zo bleek uit het vorige onderzoek van het Stimuleringsfonds.

Lokale partijen

Van de landelijke partijen werd het CDA gezien als de winnaar van de gemeenteraadsverkiezingen. De lokale partijen werden gezamenlijk echter groter, met ruim een derde van de stemmen. De laatste jaren zijn de lokale partijen een steeds prominentere rol gaan spelen in de gemeentepolitiek.

De uitslag bevestigde het vertrouwen in lokale partijen. Ook in het onderzoek wijzen de ondervraagden vooral naar de lokale partijen op de vraag welke partijen de lokale problematiek het best op kunnen lossen. Dat geldt voor bijna alle beleidsterreinen.