De publieke omroepen WNL en Powned mogen voorlopig als zelfstandige omroepen blijven bestaan. 

De twee omroepen krijgen vijf jaar langer de tijd om het benodigde aantal leden te halen om in het publieke bestel te blijven. Dat hebben de PvdA en de VVD dinsdag besloten.

Zowel WNL als Powned waren nog maar net begonnen toen het kabinet besloot om het publieke bestel om te gooien. De twee zouden zich bij een bestaande omroep moeten aansluiten als zij voor 2015 geen 150.000 leden hadden. Maar de PvdA en de VVD geven hen nu uitstel.

De coalitie vindt het niet eerlijk dat Powned en WNL het slachtoffer worden van de nieuwe regels. ''Powned en WNL verdienen wat ons betreft een eerlijke kans. We hebben tijdens de wedstrijd namelijk de spelregels veranderd'', zegt VVD-Kamerlid Matthijs Huizing.

Hij stelt dat het niet zo is dat deze omroepen nu achterover kunnen gaan leunen. ''In 2020 zullen ook zij aan alle voorwaarden moeten voldoen om definitief tot het bestel toe te treden.'' Dan moeten Powned en WNL dus alsnog aan de eis van 150.000 leden gaan voldoen.

Geste

Ook Kamerlid Martijn van Dam van de PvdA stelt dat de politiek de mogelijkheden heeft veranderd, terwijl Powned en WNL al aspirant waren. ''Dit is een geste van onze kant'', stelt Van Dam. ''Ze zeggen terecht dat het heel ingewikkeld is voor hen, dus we creëren een alternatief.'' Ook hij benadrukt dat de nieuwe omroepen zich in 2020 wel aan de regels moeten gaan houden.

Door deze beslissing mogen WNL en Powned de subsidie blijven houden die ze nu ontvangen. De Tweede Kamer praat woensdag met staatssecretaris Sander Dekker (Media) over een wet die bepaalt dat er vanaf 2016 nog maximaal acht publieke omroepen mogen zijn.

Het gaat dan om drie fusieomroepen, drie zelfstandige omroepen, de NTR en de NOS (die beide geen leden hebben). Nieuwe omroepen moeten eerst het ledenaantal uitbreiden en daarna een fusiepartner zoeken. Daar hebben Powned en WNL nu meer tijd voor.