Consumentenwaakhonden in Europese landen hebben vorig jaar 2.201 keer een waarschuwing gegeven voor gevaarlijke producten, iets meer dan een jaar eerder.

Toen lag het aantal waarschuwingen op 2.044. Vooral speelgoed bleek niet aan de eisen te voldoen, gevolgd door motorvoertuigen en kleding en modeaccessoires. Het risico op verwonding en stik- en brandgevaar werden het meest genoemd.

Niet alleen het aantal meldingen bij het Europese waarschuwingssysteem nam toe, het aantal vervolgmaatregelen steeg ook, naar bijna 4.000. Een land kan per melding meerdere maatregelen treffen, zoals het terugroepen van een product of het opleggen van een verkoop- of importverbod.

Het merendeel van de gevaarlijke producten (53 procent) kwam uit China. In 26 procent van de meldingen ging het om een product uit Europa. De meeste waarschuwingen kwamen van de consumentenautoriteiten in Duitsland, Spanje en Frankrijk. Nederland deed 119 keer een melding, bijna het dubbele van 2016. Dat leidde tot 157 maatregelen.

Bij het zogeheten Rapid Alert System zijn naast de 28 EU-landen IJsland, Noorwegen en Liechtenstein aangesloten "Dankzij dit systeem houden we onze kinderen veilig en voorkomen we fatale ongelukken op de weg’’, zegt EU-commissaris Vera Jourova (Consumentenzaken).