De sociale hulpverlening voor ouderen in dorpen laat te wensen over. Vooral de zwakste ouderen krijgen niet de hulp die ze zouden willen. 

Ook op het platteland staat privacy vaak hoog in het vaandel, waardoor dorpelingen elkaar niet altijd kunnen vinden.

Dat blijkt uit het maandag verschenen rapport Kleine Gebaren van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) over het dorp als sociaal vangnet.

Volgens onderzoeker Lotte Vermeij wordt de zorgzaamheid in dorpen vaak overschat. Ouderen op hoge leeftijd vinden minder aansluiting bij mensen in de directe omgeving. Het aantal mensen dat zij in hun dorp kennen neemt met het ouder worden af. 

Hulprelaties

Ruim 40 procent van de 85-plussers geeft aan meer hulp te zouden willen van buren. Toch groeit de hulp die dorpsgenoten zelf aanbieden. Steeds vaker komen hulprelaties Ook komen meer hulprelaties tot stand door bemiddeling, zowel van de gemeente en welzijnsorganisaties als van vrienden en familie. 

Veel ouderen wonen al langere tijd in hetzelfde dorp. Bijna alle bewoners van 75 jaar en ouder (95 procent) wonen minimaal tien jaar in het dorp. Gemiddeld woont die groep daar zelfs 53 jaar. Bij jongere bewoners liggen die percentages beduidend lager.