AMSTERDAM - Kledingwarenhuis Hennes & Mauritz (H&M) heeft de regering van Bangladesh gevraagd het minimumsalaris voor werknemers in de textielindustrie te verhogen.

Het concern verwacht dat daarmee de kwaliteit van de textielproductie stijgt, liet H&M woensdag weten. Het Zweedse bedrijf wil dat de regering van het land, een van de armste van Azië, het minimumloon voortaan jaarlijks gaat herzien en afstemt op de inflatie.

H&M is sinds 1982 actief in Bangladesh. Het produceert er zelf geen textiel, maar koopt dat in bij lokale fabrieken. Hoewel H&M voor veel fabrieken de belangrijkste opdrachtgever is, kan het bedrijf volgens een woordvoerder zelf geen salarisverhoging afdwingen.

"Omdat de fabrieken die aan ons leveren altijd meerdere opdrachtgevers hebben, gaat het fabrieksmanagement niet akkoord met onze verzoeken om loonsverhogingen", aldus de woordvoerder.

Onvrede

"De centrale regering is uiteindelijk de enige die een loonsverhoging kan bewerkstelligen." Textielarbeiders in Bangladesh staken regelmatig uit onvrede over hun lage salarissen. Het minimumloon bedraagt er volgens H&M iets meer dan dertig euro per maand.