Burgemeester Henri Lenferink wil zo snel mogelijk meer ruimte bieden aan horecaondernemers en de culturele sector. Dat zei hij maandag tijdens een speciaal daarvoor ingelast persmoment. Lenferink zal zijn best doen om die ruimte te vinden bij het kabinet. Lenferink is ook voorzitter van de veiligheidsregio Hollands-Midden, waar meer burgemeester onder vallen, maar zegt dit als burgemeester van Leiden. "Maar ik weet dat dit breed leeft onder burgemeesters."

Lenferink had eigenlijk gehoopt dat het kabinet afgelopen vrijdag al meer ruimte gegeven zou hebben. "Het is niet alleen belangrijk voor de mensen die hun brood moeten verdienen, maar ook voor de sfeer in de stad. Georganiseerde ontmoetingen in de cafés, in de bioscoop of in musea maken de stad."

Afgelopen weekend gingen vier horecaondernemingen uit protest toch open. "Jammer", zegt de Leidse burgemeester daarover. "Dat signaal was eigenlijk niet nodig, ik weet echt wat er leeft en heb daar alle begrip voor." Leiden had van tevoren al aangegeven dat dergelijke acties niet gedoogd zouden worden. De betrokken ondernemers hebben nu een waarschuwing gekregen, maar daar zal het een volgende keer niet bij blijven.

Lenferink denkt dat de situatie zoals die was tot 19 december, met een avondlockdown tussen 17.00 en 5.00 uur, nu de beste optie is. "We moeten nu naar een breder spectrum dan alleen de zorg kijken. Je moet meer gewicht geven aan andere sectoren zoals de culturele sector en horeca. We zien dat al een klein beetje maar nog niet voldoende."

De Leidse burgemeester is dus groot voorstander is van verdere versoepelingen van de regels. "De musea hebben al laten zien dat de bezoekersstromen goed te controleren zijn met tijdslots. Er zijn daar ook geen signalen geweest dat het mis ging."

Vandaag kaart Lenferink die versoepelingen aan tijdens het Veiligheidsberaad in Utrecht, waarin de voorzitters van de veiligheidsregio's wekelijks overleg voeren met het kabinet. Of ook de nieuwe minister Ernst Kuipers persoonlijk aanwezig is bij dat overleg, weet Lenferink nog niet: "Maar vaak is dat wel het geval."