Zaterdagochtend is het tweede gedeelte van de Blauwe Tram in Haarlem aangekomen. Daarmee is het tweeling-tramstel dat in de jaren vijftig tussen Leiden en Haarlem reed voor het eerst sinds 1949 compleet.

Het initiatief voor de herbouw van de Blauwe Tram komt van Stichting De Nieuwe Blauwe Tram. Het tramrijtuig A620 komt in de werkplaats in Haarlem te staan. Hier gaan vrijwilligers verder met het reconstrueren van de Blauwe Tram. In 2024 moet de nieuwe versie van de historische tram te zien zijn.

Het tramstel is in 1932 ontworpen en gebouwd in Haarlem door de firma Beijnes. Het ontwerp was vooruitstrevend, omdat je als passagier voortaan van het ene naar het andere tramstel kon doorlopen. Daarvoor waren de stellen altijd van elkaar gescheiden. Ook de huidige bussen en trams hebben die harmonicafunctie nog tussen de verschillende stellen. Het was ook de eerste tram met een volledig aan elkaar gelaste stalen constructie.

Jarenlang reed model A619/620 tussen Haarlem en Leiden, door de Bollenstreek. In 1949 verdween hij uit het Haarlemse straatbeeld. Daarna reed hij nog regelmatig in Den Haag rond. In 1961 maakte hij daar zijn afscheidsrit om vervolgens meteen gesloopt te worden. Dat betekende meteen ook het definitieve einde van de Blauwe Tram.

Op basis van de originele bouwtekeningen, opgedoken in het archief van het Spoorwegmuseum, wordt de tram nu nagebouwd. In Winkel is het stalen casco van de A619 aan elkaar gelast, het interieur en de andere onderdelen worden de komende jaren naast het NZH Vervoer Museum in de Haarlemse Waarderpolder voltooid. Tramstel A620 wordt later naar Haarlem overgebracht, waar ze dan, net als vroeger, aan elkaar gekoppeld zullen worden.