Het is dinsdag 76 jaar geleden dat de Leidse hoogleraar volkenrecht Benjamin Telders in het concentratiekamp Bergen-Belsen aan vlektyfus overleed. Om het gedachtegoed van Benjamin Telders levend te houden, wordt sinds enkele jaren op zijn sterfdag een krans gelegd bij zijn oude woonhuis aan het Rapenburg, tegenwoordig ook wel het Telders-huis geheten.

Samen met professor Rudolph Cleveringa moest Telders in 1940 net als alle andere Leidse hoogleraren en medewerkers van de universiteit een zogenoemde 'ariërverklaring' tekenen.

Telders weigerde die verklaring te ondertekenen en leidde het verzet tegen deze verklaring: "Tot hier en niet verder", schreef hij aan de president van de Hoge Raad. Ook bij de protestrede van Cleveringa op 26 november 1940 was hij nauw betrokken.

Cleveringa werd de dag na het uitspreken van de rede naar de Duitse gevangenis het Oranjehotel in Scheveningen overgebracht. Telders volgde in december 1940. Daarna volgden voor hem nog vier concentratiekampen. Dankzij zijn administratieve baantjes in die kampen kon hij medegevangenen helpen middels het laten verdwijnen of vervalsen van papieren.

Zijn naam leeft onder meer voort in het Volkenrechtelijk dispuut 'Professor mr. B.M. Telders' dat zich bezighoudt met het internationale recht, het Europese recht en de leer van de internationale betrekkingen door middel van het organiseren van lezingen, symposia en studiereizen.