Wethouder Yvonne van Delft van de gemeente Leiden zoekt draagvlak voor uitbreiding van de weekmarkt in de Leidse binnenstad.

Na de gedwongen verhuizing naar de Lammermarkt en de Beestenmarkt en de inperking van het aantal kramen waren het vooral de marktkraamhouders die protesteerden. Ze waren bang dat klanten zouden wegblijven op de nieuwe locatie en wilden dat er meer kramen zouden worden neergezet.

Nu de gemeente kijkt naar uitbreidingsmogelijkheden elders in de binnenstad, zijn het buurtverenigingen die protesteren. Zij vinden de Hooglandse Kerkgracht en de Kaasmarkt niet geschikt. Het zou te veel mensen naar een te klein gebied trekken.

Van Delft heeft begrip voor het standpunt van de buurtverenigingen. Echter bepleit ze dat de Hooglandse Kerkgracht vroeger ook een marktplaats is geweest.

Overleg met buurtverenigingen en bewoners

"We hebben als college nog geen besluit genomen, maar dat zijn we wel van plan", vervolgt Van Delft haar verhaal. "We gaan nu eerst in overleg met de bewoners. Wat betreft de Koppenhinksteeg zou je kunnen kiezen voor eenrichtingsverkeer. En voor de auto's zijn er twee parkeergarages dichtbij. Verder kijken of we genoeg alternatieven kunnen bieden."

Volgens Van Delft lokt de gemeente op deze manier niet te veel mensen naar de binnenstad. "Veel mensen willen graag boodschappen doen in de open lucht. Zij gaan dan naar de markt in plaats van naar de supermarkt."

Deze week gaat wethouder Van Delft in gesprek met voorzitter Arthur Elias van buurtvereniging Maredorp-de Camp en zijn collega Foppe van Rees Vellinga van wijkvereniging Pancras-West.