Het Lucas van Leydenfonds waar Leiden vier jaar lang jaarlijks een kwart miljoen euro in gaat steken voor het realiseren van kunstwerken in de openbare ruimte kan nog niet van start. Er moet eerst meer duidelijkheid komen over de rol die de verschillende betrokkenen precies krijgen.

Een projectplan waarin de verhoudingen worden beschreven, wordt momenteel opgesteld door LIFF-oprichter Alexander Mouret, meldt cultuurwethouder Yvonne van Delft in een brief aan de raad.

"De door de raad vastgestelde visie op Beeldende Kunst in de Openbare Ruimte (BKOR) biedt te weinig houvast", schrijft Van Delft die het daarom noodzakelijk vindt om organisatievorm en procesbeschrijving vast te leggen, alvorens het fonds echt van start kan.

Als Moret zijn werkzaamheden naar verwachting later deze maand afrondt, wil Van Delft samen met het Cultuurfonds Leiden zo snel mogelijk met het fonds van start.

Beslissingsbevoegdheid ligt bij jury

Het geld voor het Lucas van Leydenfonds wordt ondergebracht bij het Cultuurfonds, maar de beslissingsbevoegdheid over het toekennen van geld wordt mede overgelaten aan een brede jury van prominente personen uit diverse disciplines vanuit onder andere de kunstwereld en de wetenschap.

Het oordeel van die jury moet een nadrukkelijke invloed krijgen op de keuzes die gemaakt worden bij het selecteren van plannen en kunstenaars. Ook inwoners moeten een stem krijgen bij de toekenningen die het fonds gaat doen.

Idee van stadscurator werd eerder al losgelaten

Eerder werd gedacht aan een stadscurator die de selectie zou doen van door kunstenaars ingezonden voorstellen. Dat idee werd enkele maanden al losgelaten.

Zowel Van Delft als Cultuurmakelaar Mirjam Flik zijn bang dat bij zo'n constructie de visie van slechts één persoon te dominant zou worden bij het bepalen van welke kunstwerken er op welke plek in Leiden zouden worden geplaatst.

Uitstel heeft geen invloed op beschikbare geld

Dat het opnieuw langer duurt voordat de eerste opdrachten aan kunstenaars kunnen worden verstrekt, heeft geen invloed op het beschikbare geld, zo beloofde Van Delft eerder al aan de raadscommissieleden Susannah Herman (D66) en Marc Newsome (PvdA).

De raadsleden trokken in oktober vorig jaar aan de bel, omdat ze bang waren dat de eerste 250.000 euro zou vervallen als het geld niet in 2018 zou worden besteed. "Het geld blijft beschikbaar", zo beloofde Van Delft.