Het geld is er, fysiek past het en ook verkeerskundig is het mogelijk. Toch is er over de verplaatsing van het busstation naar de ‘sciencezijde’ van het station in Leiden nog de nodige discussie.

Dat werd dinsdagavond duidelijk tijdens een presentatie van het college aan de gemeenteraad.

De gemeenteraad heeft een aantal jaar geleden de ambitie uitgesproken om het busstation bij Leiden CS naar de achterkant van het station te verplaatsen.  Inmiddels zijn een aantal onderzoeken naar de haalbaarheid van dit plan uitgevoerd. Of het station daadwerkelijk verplaatst gaat worden, hoe de nieuwe OV-terminal er precies uit gaat zien en hoe de nieuwe bustrajecten dan gaan lopen, is nog niet besloten.

Consequenties

Het college van burgemeester en wethouders presenteerde afgelopen dinsdag in de vergadering van de raadscommissie Leefbaarheid en Bereikbaarheid de stand van zaken. Hierin kwam naar voren dat de verplaatsing van het busstation verkeerskundig mogelijk is, maar dat er wel een aantal nadelen en consequenties aan zitten. Voordat de plannen doorgang kunnen vinden, moet eerst worden aangetoond dat de problemen oplosbaar zijn en dat de voordelen groter zijn dan de nadelen.

“Er zitten zeker ook nadelen aan de verplaatsing”, zegt wethouder Robert Strijk. “De mensen die daar wonen zullen meer bussen voor hun huis langs krijgen. De Posthofrotonde, die nu al druk is, zal nog drukker worden. Dat zal waarschijnlijk een kruising moeten worden met verkeerslichten. Ik kan me voorstellen dat de mensen die daar wonen er iets van vinden en daarover in gesprek willen. Aan de andere kant gaan er op andere plekken minder bussen rijden. Daar zijn we juist weer blij mee omdat we dat gebied willen ontwikkelen.”

Chris de Waard in gesprek met wethouder Robert Strijk over de verplaatsing van het busstation naar de sciencezijde.

Bezwaren
Volgens de werkgroep Ruimtelijke Ordening Leiden Zeezijde is er onvoldoende aandacht voor de negatieve gevolgen van de verplaatsing van het busstation. De verplaatsing zou zelfs kunnen leiden tot een een verslechtering van de huidige situatie.  “Wij hebben de indruk dat de gemeente dit niet goed heeft bestudeerd”, zegt Friso Versluijs namens de werkgroep. “Wij hebben grote twijfels of de plek die de gemeente nu heeft uitgekozen wel een volwaardig alternatief is. Het gaat om 75.000 buspassagiers per werkdag.  Als je dan kijkt naar het kleine Terweepark waar het busstation moet komen, dan maken wij ons ernstige zorgen.”

Een ander bezwaar van de werkgroep is dat het allemaal veel geld gaat kosten om de problemen die de verplaatsing zal veroorzaken, op te lossen. Versluijs: “We hebben begrepen dat er geen verkeerstechnische of OV-redenen zijn om het station te verplaatsen. Terwijl het niets kost als het station op de bestaande locatie blijft. Het gaat puur en alleen om gebiedsontwikkeling.”

Chris de Waard vroeg Friso Versluijs van werkgroep Ruimtelijke Ordening Leiden Zeezijde naar de bezwaren tegen de verplaatsing van het busstation.

Wethouder Strijk beaamt dat het vanuit een OV-standpunt niet nodig is om het busstation te verplaatsen. “Maar dat is ook niet de opdracht waar wij voor staan. De gemeenteraad heeft gevraagd of we het stationsgebied verder willen ontwikkelen. Over tien jaar moet dit een plek zijn waar veel meer mensen wonen, veel meer mensen werken en dat de historische stad, het stationsgebied en het sciencepark véél meer met elkaar verbonden zijn. Dat is de opdracht. Niet om de bussen hetzelfde te houden.”

Besluit

Het besluit of het busstation wel of niet naar de andere kant verhuist, wordt eind dit jaar of begin volgend jaar genomen. Strijk: “Het is belangrijk om nu eerst met allerlei partijen in gesprek te gaan. Allereerst met de buurt, maar ook met Katwijk en Noordwijk, Arriva, de provincie, de gemeente Oegstgeest, de universiteit, het LUMC en de bedrijven op het Bio Science Park. We staan nog maar aan de vooravond van dat traject. Maar wel met het startpunt dat we graag een gebiedsontwikkeling op gang brengen met hoe wij denken dat Leiden in de komende tien jaar gaat ontwikkelen.”