Prinses Amalia is dinsdag benoemd tot Ridder Grootkruis in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Het is een traditie om de troonopvolger op de achttiende verjaardag deze onderscheiding toe te kennen.

Koningin Wilhelmina was in 1898 de eerste vrouw die werd benoemd tot Ridder Grootkruis in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Sindsdien worden alle kinderen van het staatshoofd ter gelegenheid van hun achttiende verjaardag benoemd tot lid in de orde.

De onderscheiding wordt niet vaak toegekend. Die gaat naar mensen die een hele bijzondere prestatie voor de samenleving hebben geleverd. Onder anderen voormalig secretaris-generaal van de VN Kofi Annan, oud-premier Ruud Lubbers en verschillende koninklijke families hebben het lintje ontvangen.

Daarnaast is Amalia benoemd tot Ridder in de Huisorde van de Gouden Leeuw van Nassau. Dat is een gezamenlijke orde van de koning en de groothertog van Luxemburg. Vroeger werden alleen jongens tot lid in die orde benoemd, maar dat veranderde nadat koningin Beatrix in 1984 een overeenkomst met de groothertog van Luxemburg had gesloten. Daarin werd vastgelegd dat ook dochters benoemd worden zodra ze meerderjarig zijn.

Tot slot krijgt Amalia, samen met Alexia en Ariane wanneer zij achttien zijn geworden, een eigen vlag. De zogenoemde onderscheidingsvlaggen van leden van het Koninklijk Huis zijn in vier vlakken verdeeld en bevatten het koninklijk wapen, het persoonlijke familiewapen en het wapen van het Huis Oranje: een blauwe jachthoorn.

PostNL brengt dinsdag een 24-karaats gouden postzegel uit. Op de zegel staat een eenkleurig portret van de prinses dat dit jaar tijdens Koningsdag in Eindhoven is gemaakt.

Zo verschilde Amalia's jeugd met die van andere kroonprinsessen
170
Zo verschilde Amalia's jeugd met die van andere kroonprinsessen