Prins Bernhard heeft in 1948 voor 20.000 gulden druk uitgeoefend op twee ministers om een maandenlange bouwstop voor het circuit van Zandvoort te beëindigen. Dat meldt dagblad Trouw woensdag op basis van archiefstukken van de gemeente en de ministeries van Binnenlandse Zaken en Financiën.

Prins Bernhard (1911-2004) was de man van de voormalige koningin Juliana en de opa van prins Bernhard junior, die nu mede-eigenaar van het circuit is.

Waarom was er een bouwstop?

  • Het circuit werd gemaakt van oorlogspuin.
  • De afspraak was wel dat schaarse middelen, zoals bakstenen die nog hergebruikt konden worden, opzij werden gelegd.
  • In plaats daarvan werden die juist stukgeslagen om ze toch voor het circuit te gebruiken.
  • Dat was "ontoelaatbaar" in de heersende omstandigheden, vond het ministerie van Wederopbouw.

Begin 1948 legde de overheid de aanleg van de toegangswegen en het circuit stil. De gemeente probeerde tevergeefs dit bouwverbod ongedaan te maken.

'Stichting van Bernhard wees op landsbelang van circuit'

Prins Bernhard lukte het echter wel de bouwstop te beëindigen. Dat deed hij door zijn naam in te zetten bij de ministeries van Binnenlandse Zaken en Financiën. Hij sprak daar namens de Prins Bernhard Stichting, die veteranen steunde, en zou daar duidelijk hebben gemaakt dat de races op het circuit van Zandvoort een "meerzijdig landsbelang" hadden.

In ruil voor deze steun van prins Bernhard vroeg de gemeente meer geld voor kaartjes van het circuit. Deze extra opbrengst, zo'n 20.000 gulden, werd belastingvrij geschonken aan de stichting van de prins.

Het bouwverbod werd in februari na enkele maanden opgeheven, waarna de bouwwerkzaamheden konden worden hervat. Het is vooralsnog onduidelijk wat er precies met het aan de stichting geschonken geld is gebeurd.