Nederlandse zomers zijn wisselvallig. Maar, zo blijkt uit nieuw onderzoek van het KNMI, ze kunnen ook wekenlang in eenzelfde patroon blijven steken: als de zomer nat en koel begint, is de kans relatief groot dat die ook zo eindigt. Hetzelfde geldt voor een droge en hete zomer. Deze zomer is overigens een vreemde eend: tot nog toe vrij nat én 'warmer dan hij lijkt'.

Coronarestricties worden langzaam opgegeven, en dus zijn er nog veel vakantietwijfelaars. Voor de veiligheid nog een jaar in eigen land? Of juist eindelijk weer even huis en haard achterlaten, voor een trip naar de Spaanse zon? Dan willen we liefst eerst weten wat voor weer het thuis wordt.

Officieel kunnen meteorologen twee weken redelijk betrouwbaar vooruitkijken. Die classificeren als 'licht wisselvallig zomerweer': temperaturen rond 23 graden en naast zon af en toe een spatje regen. Heel normaal weer dus - maar zeker niet tropisch.

Wisselvallig weer tijdens 'droge en hete zomer'

Toch wordt de atmosfeer boven het noordelijk halfrond deze zomer gedomineerd door een weertype dat meer past bij droogte en hittegolven.

In het 'natte en koele' weertype is sprake van een krachtiger westcirculatie, waarbij lagedrukgebieden vanaf de Atlantische Oceaan Nederland regenachtig weer bezorgen. Deze zomer wordt die westelijke stroming geblokkeerd door hardnekkige hogedrukgebieden.

Dat we desondanks in Nederland een flinke reeks natte dagen achter de rug hebben, laat zien dat beide zomertypen alsnog hun eigen variabiliteit houden, legt klimaatonderzoeker Karin van der Wiel van het KNMI uit aan NU.nl.

Zomer eindigt (vaak) zoals die begint

Zij heeft samen met enkele collega's een tientallen jaren oude hypothese van de Amerikaanse wiskundige en meteoroloog Edward Lorenz onderzocht. Lorenz is bekend van de chaostheorie, met de beroemde anekdote dat het fladderen van een vlinder een kettingreactie in gang kan zetten, die uiteindelijk kan leiden tot een orkaan.

Lorenz had nog een hypothese, vertelt Van der Wiel: dat zomers kiezen uit twee soorten weer - een koele en natte, met een sterke westcirculatie, en een meer geblokkeerde zomer, met grotere kans op hittegolven en droogten. Als de zomer in één van die twee standen begint, is de kans ook groot dat die zo eindigt, meende Lorenz in de jaren zestig.

'Wellicht vaker hoge druk en mooi weer'

Moderne klimaatmodellen van het KNMI leveren nu voorzichtig bewijs voor de stelling. Het KNMI waarschuwt dat het verband nog te onzeker is om een echte seizoensverwachting op te baseren, maar schrijft ook: "we mogen deze zomer wellicht vaker hoge druk en mooi weer verwachten dan een westelijke stroming met kwakkelweer."

"Als het echt waar is, en dat moet nog beter worden uitgezocht, vergroot dit de voorspelbaarheid van ons zomerweer", zegt Van der Wiel.

Juni was nat, maar óók recordwarm

Hoe typeert deze zomer dan eigenlijk tot nog toe? Het was weliswaar vrij nat, maar we hebben ongezien ook net een recordwarme junimaand achter de rug.

"Het was voor mij ook wel een verrassing dat juni zo warm was", zegt Van der Wiel, die zich vooral herinnert dat Nederland na drie kurkdroge jaren eindelijk weer een keer zonder noemenswaardig neerslagtekort aan de zomer begon.

Dat Nederlandse warmterecord verbleekt als je het vergelijkt met andere plekken op het noordelijk halfrond. Canada en de Verenigde Staten waren vorige week wereldnieuws met een van de meest extreme hittegolven die ooit zijn waargenomen - extreem vanwege de 'bijna onmogelijke' afwijking van de normale zomertemperaturen, die op veel plaatsen met 20 tot 25 graden Celsius werd overschreden.

Europese hitte is (tot nog toe) voor het oosten

Ook Europa heeft deze zomer opnieuw extreme hitte, maar die is deze keer voor de oostelijke helft, van Cyprus tot Sint Petersburg, getroffen door bosbranden en absolute hitterecords. "En momenteel beleeft Lapland hitterecords", zegt Van der Wiel.

Die hittegolven zijn tekenend voor een 'geblokkeerde westcirculatie' op het noordelijk halfrond. Door het ontbreken van een sterke westenwind, staat de deur open voor grote bellen tropische hitte om van zuid naar noord te gaan - maar dat gebeurt nooit overal tegelijk.

Nu is de hitte voor het westen van Noord-Amerika en het oosten van Europa. Als het patroon ook in de komende weken aanhoudt, zoals Lorenz een halve eeuw geleden voorspelde, is ook in andere delen van het noordelijk halfrond de kans op hitte of droogte dit jaar groter dan gemiddeld.

Die jaren beginnen wel wat op te stapelen, valt klimaatwetenschappers op. Zij vermoeden dat klimaatverandering niet alleen leidt tot gemiddeld hogere temperaturen, maar ook veranderingen in de zomerse luchtstromingen. Extreme weersituaties kunnen hierdoor langer aanhouden.