ABP, het pensioenfonds van overheid en onderwijs, ontvangt veel oproepen van universiteiten om sneller te verduurzamen. In reactie daarop liet ABP vorige week weten dat de klimaatvoetafdruk kleiner is geworden. Maar investeringen in fossiele brandstoffen blijken niet te zijn gedaald. Het ontbreekt aan een heldere strategie, zeggen hoogleraren tegen NU.nl.

ABP hoopt dat in 2021 de investeringen in de categorie 'betaalbare en hernieuwbare energie' voor het eerst groter zullen zijn dan investeringen in fossiele brandstoffen, zoals olie, gas en steenkool. Dat klinkt als een grote mijlpaal, maar is het dat ook?

Het kantelpunt lijkt wat uit de lucht te vallen, zegt hoogleraar transitiekunde Derk Loorbach van de Erasmus Universiteit. "De definitie van duurzaam is wat opgerekt, en ten aanzien van fossiele investeringen is op z'n best de relatieve groei een beetje geremd."

"De geboekte CO2-winst lijkt verder meer het gevolg van de dynamiek in de verdere wereld dan van gericht beleid. Ik vind het vrij dramatisch dat ze in tien jaar nauwelijks een verandering hebben weten te realiseren in de investeringen."

'Fossiele investeringen geven twintig jaar CO2-uitstoot'

ABP heeft, net als bijvoorbeeld de Europese Unie, de Verenigde Staten en Japan, als langetermijndoel om in 2050 CO2-neutraal te zijn. Maar hoogleraar duurzaam bouwen Andy van den Dobbelsteen van de TU Delft vindt dat je als investeerder niet dezelfde doelen moet nastreven als landen, omdat investeringen decennia doorwerken.

"Het geld dat nu naar fossiele energiebedrijven gaat, wordt geïnvesteerd in infrastructuur die in de toekomst kolen, olie en gas gaan produceren en verstoken, en die investeringen zullen zeker twintig jaar hun geld moeten terugverdienen en winst opleveren."

"Dat betekent dat als je in 2050 nog fossiele activiteiten steunt, deze zeker tot 2070 bijdragen aan CO2-uitstoot. Daarom vind ik dat 2030 de absolute grens moet zijn voor investeringen in fossiel - dat hebben wij in onze brief aan ABP ook zo gevraagd."

Noodzaak en risico's fossiele investeringen

ABP zegt dat fossielvrij beleggen niet realistisch is, maar verschillende wetenschappers denken daar anders over. Zo kleven er ook toenemende financiële risico's aan fossiele investeringen, juist omdat er wereldwijd sprake is van versnellende verduurzaming en scherpere klimaatdoelen worden gesteld. Hierdoor moeten bijvoorbeeld steenkoolcentrales vroegtijdig sluiten, of zijn teerzandvelden niet langer rendabel.

Van den Dobbelsteen: "ABP zegt terecht dat er een CO2-taks moet komen. Maar waarom rekent ABP dan niet intern al zo'n CO2-prijs? Ze nemen zelf een enorm risico op de rendementen van fossiele investeringen die ze hebben uitstaan."

Fossiele investeringen zijn onderdeel van ABP's spreidingsbeleid om het totale vermogen van bijna 500 miljard te beleggen. Maar financieel bekeken is het niet noodzakelijk, zegt hoogleraar finance Bert Scholtens van de Rijksuniversiteit Groningen.

Hij onderzocht de financiële gevolgen van het afbouwen van fossiele beleggingen. "Uit ons onderzoek blijkt dat een pensioenfonds zoals ABP beleggingen in fossiele bedrijven kan afstoten zonder dat dit significante invloed heeft op beleggingsprestaties."

'Engagement' versus afbouwstrategie

Dirk Schoenmaker, hoogleraar banking and finance van de Erasmus Universiteit, ziet dat ABP ondertussen wel investeert in duurzame energie. "Het ontbreekt vooral aan een heldere strategie voor het afbouwen van fossiele investeringen."

ABP zegt ervoor te kiezen om in gesprek te blijven met fossiele energiebedrijven, om ze aan te moedigen om te vergroenen. "Via deze 'engagement' zou ABP van oliebedrijven kunnen eisen dat ze een helder pad uitstippelen om CO2-neutraal te worden", zegt Schoenmaker.

Scholtens heeft er twijfels bij. "Uit ons onderzoek blijkt dat de engagementstrategie ook dan niet effectief is, omdat fossiele bedrijven niet beschikken over de middelen om hun bedrijfsmodel om te vormen."

“ABP zou het niet moeten accepteren als oliebedrijven tot 2030 eerst hun productie verhogen, gevolgd door loze beloften voor 2050.”
Dirk Schoenmaker, hoogleraar banking and finance

Dan komt er een moment dat de wegen scheiden, zegt Schoenmaker: "Als een oliebedrijf niet zichtbaar de focus verlegt, zal ABP moeten desinvesteren. ABP zou het niet moeten accepteren als oliebedrijven tot 2030 eerst hun productie verhogen, gevolgd door loze beloften voor 2050."

Kritische aandeelhouders zoals Follow This, die Shell en andere oliebedrijven oproepen sneller te verduurzamen, krijgen van ABP echter geen steun. "Dat zijn geen extreme resoluties", zegt Van den Dobbelsteen. "Maar ABP stemt tegen of onthoudt zich. Daarmee geven ze wat mij betreft een totaal verkeerd signaal bij hun duurzaamheidsverhaal."

Pensioenfondsen PME en PMT, van de metaal- en elektrosector, steunen de resolutie van Follow This wel, net als verzekeraars Nationale-Nederlanden, Aegon en Achmea.