In 2020 moest de Nederlandse broeikasgasuitstoot een kwart lager zijn dan in 1990. Het inmiddels demissionaire kabinet leek dit 'Urgendadoel' niet te halen, maar door de coronacrisis volgde een tijdelijke dip in de uitstoot, die de helft van de emissiekloof dichtte. Een tijdelijke verlaging is echter strijdig met het vonnis in de klimaatzaak, concludeert NU.nl na een rondgang langs experts.

Het CBS heeft vrijdag cijfers gepubliceerd waaruit blijkt dat het klimaatdoel, ondanks de tijdelijke verlaging van de uitstoot door de coronacrisis, precies niet gehaald zou worden: de reductie blijft steken op 24,5 procent. Dit zijn echter voorlopige cijfers, beklemtoont het CBS. De definitieve cijfers komen van het RIVM en laten nog maanden op zich wachten.

Maar stel dat daaruit blijkt dat het demissionaire kabinet toch met de hakken over de sloot aan de vereiste 25 procent lagere uitstoot komt, volstaat ook dat niet om aan het vonnis in de klimaatzaak te voldoen. Dat vraagt namelijk specifiek een structurele verlaging, geen tijdelijke.

Klimaatzaak van Urgenda in het kort:

  • Bedoeld om Nederlandse burgers te beschermen tegen klimaatverandering.
  • In 2015 oordeelde de rechtbank in Den Haag dat de Nederlandse uitstoot van broeikasgassen in 2020 tenminste 25 procent lager moet zijn.
  • De staat ging in hoger beroep, maar liet ook weten het vonnis te zullen uitvoeren.
  • In 2018 werd het vonnis bekrachtigd door het gerechtshof.
  • Die uitspraak werd in december 2019 weer bekrachtigd door de Hoge Raad.

In de oorspronkelijke eis staat één belangrijk woord: 'per'

In de klimaatzaak van Urgenda oordeelden drie rechters op rij dat de Nederlandse Staat de plicht heeft om haar burgers te beschermen tegen gevaarlijke klimaatverandering, en daarom in lijn met internationale afspraken een minimale inspanning moet doen om die klimaatverandering tegen te gaan.

Dat minimum wordt vaak geciteerd zoals we hierboven doen: 'in 2020 tenminste een 25 procent lagere uitstoot van broeikasgassen dan in 1990'. Maar in het werkelijke vonnis, wordt de eis bekrachtigd, en daarin staat één belangrijk woord anders: niet in 2020. Maar per 2020.

Ook in het definitieve oordeel van de Hoge Raad gaat het steeds om een verlaging 'per 2020'. En vanuit het perspectief om klimaatverandering tegen te gaan is dat natuurlijk ook logisch.

“De Staat te bevelen om de omvang van de broeikasgasemissies in Nederland zodanig te (doen) beperken dat de omvang van die emissies per 2020 met 40 procent, althans met minimaal 25 procent zal zijn gereduceerd ten opzichte van het niveau van 1990.”
Oorspronkelijk 'dictum' eisers klimaatzaak

Na een jaar minder benzine, diesel en gas stijgt uitstoot weer

Eerder leek het erop dat het demissionaire kabinet het Urgendadoel mogelijk nipt wel gaat halen. Maar een groot deel van de uitstootverlaging in 2020 is dus tijdelijk, veroorzaakt door een gedeeltelijke lockdown in het voorjaar en een in het najaar, en ook nog geholpen door de zachtste januari en februari ooit gemeten, waardoor we naast minder benzine en diesel in 2020 ook minder gas verstookten dan normaal.

Als de uitstoot in 2021 weer iets hoger uitvalt, en dat is nu al het geval doordat januari en februari in 2021 bijvoorbeeld kouder waren, komt deze opnieuw boven de grens van 25 procent reductie. De uitstoot is dan dus alsnog niet een kwart lager 'per' 2020, waarmee niet zou worden voldaan aan het vonnis.

Urgenda-directeur Marjan Minnesma laat aan NU.nl weten dat dit probleem zich niet hoeft te beperken tot 2021: "Op basis van de laatste doorrekening door het PBL in oktober, zie je in hun bijlagen dat de uitstoot in 2025 weer veel hoger is dan nu en dat de 25 procent reductie dan absoluut niet gehaald wordt."

"Er moeten snel extra stappen gezet worden door dit demissionaire kabinet. Een rechterlijk vonnis uitvoeren kan niet controversieel verklaard worden, lijkt me."