Landen spendeerden al meer dan 12 biljoen euro om uit de coronacrisis te komen. Slechts 18 procent van deze staatssteun kwalificeert als 'groen', concludeert een rapport van de University of Oxford en het VN-milieuprogramma UNEP woensdag. Dat bedreigt internationale klimaatdoelen.

Door de coronacrisis kromp de wereldeconomie in het afgelopen jaar met 3,5 procent en zijn er honderden miljoenen banen verloren gegaan. De voornaamste reden dat landen grote hoeveelheden geld uitgeven, is dan ook om economische activiteit en werkgelegenheid te creëren.

Maar welke sectoren de meeste steun krijgen en onder welke voorwaarden dat gebeurt, bepaalt vervolgens ook de richting waarin de wereld zich verder ontwikkelt.

"De mensheid wordt geconfronteerd met een pandemie, een economische crisis en een ecologische ineenstorting", zegt Inger Andersen, het hoofd van VN-milieuprogramma UNEP. "We kunnen het ons op geen enkel front veroorloven om te verliezen."

Coronageld unieke kans én bedreiging voor klimaat

Voor het klimaatakkoord van Parijs worden de herstelpakketten gezien als een unieke en mogelijk laatste kans. Om de wereld op koers voor het Parijsdoel te brengen, is vijf jaar op rij een investering van 1 biljoen euro nodig. Dat zou theoretisch kunnen via de herstelpakketten.

Die kans lijkt vooralsnog niet benut te worden - de groene investeringen blijven in totaal steken op 309 miljard euro. "Dit rapport is een wake-upcall", zegt economieprofessor Cameron Hepburn van de University of Oxford. "De cijfers laten zien dat we niet beter terugbouwen. Tenminste, nog niet. Terwijl we weten dat een groen herstel een overwinning zou zijn voor zowel de economie als het klimaat."

“Door coronageld kunnen noodlijdende fossiele energiebedrijven langer levensvatbaar blijven.”
Brian O'Callaghan, University of Oxford

Als het aandeel grijze investeringen veel groter blijft dan het aandeel groene, kan het effect voor het klimaat omgekeerd zijn. De herstelpakketten leiden dan tot versnelde stijging van de wereldwijde CO2-uitstoot. Dat gebeurde na de vorige recessie, van 2009: de wereld stootte toen uiteindelijk meer CO2 uit dan zonder de economische crisis gebeurd zou zijn.

Dat is opnieuw mogelijk, zegt hoofdauteur Brian O'Callaghan tegen NU.nl. "Door geld te steken in de koolstofintensieve economie kunnen bijvoorbeeld noodlijdende fossiele energiebedrijven langer levensvatbaar blijven dan ze anders zouden hebben gedaan." De fossiele industrie bleek vorig jaar al een grootontvanger van coronageld.

Duurzame investeringen bieden betere kansen

De vorige recessie was wel in een andere wereld, zeggen economen. Duurzame technologie heeft door prijsdalingen een veel hoger rendement dan tien jaar geleden, en biedt belangrijke innovatiekansen. Duurzame investeringen scoren daarnaast goed op het gebied van werkgelegenheid. Daar staat tegenover dat oude sectoren over betere politieke lobbykanalen beschikken.

Het Oxford-rapport noemt grote investeringen in duurzame energie en waterstof door Duitsland en Spanje en voor verduurzaming van gebouwen in Frankrijk en Groot-Brittannië als uitzonderingen.

De Europese Unie heeft als onderdeel van de Green Deal afgesproken dat 37 procent van alle Europese investeringen moet bijdragen aan het doel om in 2050 klimaatneutraal te zijn en dat overige investeringen niet in de omgekeerde richting moeten uitpakken.