Wat is eigenlijk de klimaatimpact van het krijgen van een kind? En maakt het uit of het je eerste, tweede of vierde is? Klimaatbeleid is er niet op gericht, maar het groeiende aantal mensen is wel degelijk een medeoorzaak van de opwarming van de aarde. Maar het is behoorlijk lastig om die te kwantificeren.

800 ton CO2, pér baby. Dat is het simpelste antwoord op de vraag wat de klimaatimpact van de geboorte van een kind is. Een gemiddelde Nederlander stoot jaarlijks zo'n 10 ton CO2 uit. We nemen gemakshalve aan dat dat constant is, en hanteren een levensverwachting van tachtig jaar.

Er valt veel op die manier van rekenen af te dingen. Het belangrijkste: zo'n schatting zegt alleen iets over één geboorte, maar niets over of de totale CO2-uitstoot stijgt of daalt. Dan wordt demografie - het totale aantal mensen dus - een factor en verschuift het antwoord juist wél naar gelang het je eerste, tweede of zevende kind is.

Hét probleem, een probleem, of geen probleem?

De impact van bevolkingsgroei - sommigen spreken liever van overbevolking - is een onderwerp waar mensen heel verschillend over denken. Het ligt ook gevoelig: bij het krijgen van een kind staan als het goed is liefde en een verlangen om zorg te dragen centraal. Staat dat verlangen haaks op zorg dragen voor een leefbare aarde?

De twee belangrijkste feiten: mensen verhogen de CO2-concentratie van de aarde. Dit gebeurt vooral (circa 85 procent) door het verbanden van fossiele brandstoffen.

Maar welke van de twee is dan het probleem? De mens, of de brandstof? Het juiste antwoord is: beide. En eigenlijk horen er nog twee factoren bij: materiële consumptie en 'energie-efficiëntie'.

Klimaatprobleem is product van vier factoren, waaronder aantal mensen

De totale menselijke CO2-uitstoot is namelijk het product van die vier factoren: het aantal mensen, de gemiddelde consumptie per mens, de hoeveelheid energie die daarvoor nodig is en de 'mix' van energiebronnen die voorziet in die energievraag.

Klimaatbeleid is in de praktijk eigenlijk alleen gericht op de laatste twee, via duurzame energie en energiebesparing. Maar dat betekent niet dat de eerste twee factoren constant zijn. Bevolking en consumptie groeien beide en drijven daarmee de CO2-uitstoot op.

Valt dan ook te zeggen hoe groot het aandeel van bevolkingsgroei in het klimaatprobleem is? Dat is een stuk lastiger, onder meer doordat het verschilt per periode. We kunnen een poging wagen er cijfers aan te hangen: tussen 1980 en 2000 groeide de wereldbevolking met 37 procent, van bijna 4,5 miljard naar meer dan 6 miljard mensen.

“Omdat overal in de wereld een hogere welvaart wordt nagestreefd, valt eigenlijk niet goed te zeggen wat de klimaatimpact van bevolkingsgroei in arme regio's op langere termijn zal zijn.”

De mondiale CO2-uitstoot steeg over dezelfde periode met 27 procent. Minder hard dus. Dit suggereert dat bevolkingsgroei de hoofdoorzaak van de gestegen uitstoot is en dat de consumptie per persoon zelfs iets gedaald moet zijn.

Maar dan vergeten we de andere twee factoren: 'energiemix' en energie-efficiëntie. De energiemix bleef tussen 1980 en 2000 hoofdzakelijk fossiel. Wel liep het aandeel van steenkool iets terug, waardoor de 'mix' minder CO2-intensief werd. En daarnaast steeg de energie-efficiëntie van de economie, wat ook een drukkend effect op de uitstoot had.

Zo kon tussen 1980 en 2000 zowel het totale aantal mensen als de gemiddelde consumptie per mens stijgen, in lijn met de mondiaal toenemende welvaart. Het gebruik van bouwmaterialen, ertsen en biomassa steeg over dezelfde periode bijvoorbeeld met circa 45 procent - sneller dan de wereldbevolking dus.

Meeste bevolkingsgroei in landen met (nog) lage uitstoot

Maar dan hebben we nog een belangrijk aspect genegeerd: regionale verschillen. De bevolking groeit pas als vrouwen gemiddeld meer dan 2,1 kinderen krijgen. In de meeste landen in Europa en Oost-Azië ligt het geboortecijfer hier onder en treedt lokaal dus ook bevolkingskrimp op. Dit zijn wel landen met een hoge CO2-uitstoot.

De sterkste bevolkingsgroei vindt plaats in Afrika, waar de bevolking deze eeuw (volgens een schatting van de VN) groeit van 1 naar circa 4,5 miljard mensen. De gemiddelde CO2-uitstoot is daar juist het laagst. Maar aangezien overal in de wereld een hogere welvaart wordt nagestreefd, valt eigenlijk niet goed te zeggen wat de klimaatimpact van bevolkingsgroei in arme regio's op langere termijn zal zijn.

We kunnen het nog wel omdraaien. Om onder de in Parijs afgesproken 1,5 graden opwarming te blijven, moet de mondiale CO2-uitstoot al in 2050 netto nul zijn. Volgens VN-projecties zijn er in dat jaar 1,1 tot 2,8 miljard meer mensen dan nu. Een kind dat vandaag geboren wordt, waar dan ook ter wereld, heeft dus maar een fractie van de 'emissieruimte' die wijzelf hadden.

Of dat past, hangt uiteindelijk ook af van die andere klimaatfactoren: hoe snel duurzame energie groeit, en of we erin slagen ons energiegebruik per persoon omlaag te krijgen. Maar bevolkingsgroei maakt die klimaatpuzzel in elk geval niet eenvoudiger.