Nederland lijkt het klimaatdoel uit de rechtszaak van Urgenda niet te gaan halen, blijkt uit de vrijdag verschenen Klimaat- en Energieverkenning 2020. Vorig jaar waarschuwde eenzelfde rapport al dat extra inspanning nodig was. De coronacrisis heeft de CO2-uitstoot tijdelijk verlaagd, maar ook daarmee is de totale reductie onvoldoende. Het kabinet heeft altijd gezegd het doel te willen halen.

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) schat nu in dat de Nederlandse uitstoot van broeikasgassen dit jaar tussen de 164 en 174 miljoen ton zal uitkomen.

Volgens het vonnis uit de klimaatzaak van Urgenda ligt de uiterste grens op 166 miljoen ton. Daarmee zou de Nederlandse uitstoot dit jaar 25 procent lager uitkomen dan in 1990, wat volgens drie rechters op rij de minimale daling is die de Staat moet bewerkstelligen.

Eventuele tweede lockdown en zachte december laatste strohalm

Doordat het jaar nog niet voorbij is, resteert nog een kleine kans dat het doel toch gehaald wordt. Dit hangt echter af van zaken die weinig met klimaatbeleid te maken hebben, zo blijkt uit de verkenning.

Alleen als de tweede golf van het coronavirus in de laatste maanden van 2020 opnieuw tot een lockdown leidt, november en december hoge temperaturen brengen en de elektriciteitsproductie laag uitvalt, zal het kabinet nog binnen de maximaal toegestane CO2-uitstoot blijven, zo schat het PBL.

Het is opmerkelijk dat de energieverkenning van 2019 met een vergelijkbare projectie kwam. Toen zei het PBL dat de Nederlandse uitstoot dit jaar 19 tot 26 procent lager zou zijn, en dat dus aanvullend beleid nodig was om het doel nog te halen. Het was toen echter nog niet bekend dat in 2020 de coronacrisis zou volgen, die het kabinet feitelijk een extra CO2-verlaging in de schoot wierp.

Urgenda: Projecties te rooskleurig en kabinet te laat begonnen

Urgenda-directeur Marjan Minnesma waarschuwde vorig jaar op NU.nl al dat de Klimaat- en Energieverkenning van 2019 waarschijnlijk te rooskleurig was, omdat het gebruikte model achter de projecties de neiging heeft de werkelijke uitstoot te onderschatten, en dat de werkelijke kloof om het doel nog te halen dus groter was.

Gevraagd naar een reactie bevestigt ze dat: "De cijfers van het PBL zaten er de afgelopen vijf jaar steeds 10 tot 12 miljoen ton naast, dus die neem ik met een stevige marge."

Het eerste vonnis dateert uit 2015. Het werd in 2018 bekrachtigd door het hooggerechtshof en in december vorig jaar door de Hoge Raad. Het kabinet heeft ervoor gekozen door te procederen in de rechtszaak, maar ook altijd aangegeven het vonnis wel te zullen uitvoeren. Minnesma zegt echter dat er veel tijd is verspild.

"Zonder corona zou het kabinet het doel sowieso nooit gehaald hebben, want ze zijn veel te laat begonnen. Pas in april 2020 kwam er een pakket met klimaatmaatregelen." Minnesma is onder andere kritisch dat er geen knoop is doorgehakt over de resterende kolencentrales, die naar maximaal een kwart van hun capaciteit zouden gaan. Steenkool is de energiebron met de hoogste CO2-uitstoot.

"Het gaat er nu om dat er een steile lijn naar beneden wordt ingezet, en dat die ook wordt volgehouden. Als die uitblijft, moeten we een goed gesprek hebben over de rechtsstaat. Ook de overheid hoort zich te houden aan een uitspraak van de hoogste rechter."

PBL: Voor klimaatdoel 2030 moet jaarlijks tempo verdubbelen

De Klimaat- en Energieverkenning is een jaarlijks rapport waarmee het PBL de progressie rond de Nederlandse klimaatdoelen beschrijft. Dit is afgesproken in de klimaatwet.

Het doel uit de Urgenda-zaak, die gericht is op 2020, kan gezien worden als een tussenstation op weg naar een verdere uitstootverlaging in 2030. Volgens een afspraak uit het nationale klimaatakkoord moet de Nederlandse uitstoot van broeikasgassen dan 49 procent lager liggen dan in 1990.

Ook voor dit klimaatdoel ligt Nederland nu niet op de juiste koers, blijkt uit de verkenning: het jaarlijkse tempo waarin de uitstoot omlaag gaat, moet volgens het PBL verdubbelen.