In de komende dertig jaar kunnen wereldwijd 1,2 miljard mensen op de vlucht slaan door klimaatverandering, kopten vorige week onder meer New York Times, CNN, The Guardian en persbureau Reuters. Zulke astronomische voorspellingen zijn slecht onderbouwd, zegt een expert tegen NU.nl, en dreigen af te leiden van de werkelijke complexiteit van klimaatproblemen.

De media verwezen in hun bericht naar een nieuw rapport van het Institute for Economics & Peace, een Australische denktank, die ook kantoren in Den Haag, Londen en Brussel heeft. Het rapport weegt bevolkingsgroei af tegen de gevolgen van klimaatverandering en de achteruitgang van natuurlijk leven voor de voedselzekerheid.

De conclusie is dat in landen waar nu al veel mensen tegen de grenzen van het bestaansminimum leven de situatie dusdanig zal verslechteren dat rond 2050 de voedselzekerheid voor 3,5 miljard mensen in het geding komt.

“Veel mensen kunnen niet weg, zelfs al komt het zeewater steeds dichterbij. Het zijn mensen zonder geld en connecties.”
Ingrid Boas

Daar komt een toename van natuurrampen door klimaatverandering overheen, waardoor het rapport concludeert dat in de komende dertig jaar tot 1,2 miljard mensen ontheemd kunnen raken.

Zes tot acht keer hoger dan de somberste voorspelling

In voorbije jaren kwamen vaker publicaties voorbij die aangeven dat klimaatverandering ertoe kan leiden dat mensen ontheemd raken. Maar bijvoorbeeld het IPCC is er heel voorzichtig over, en schrijft dat het erg lastig is om er cijfers aan te verbinden, omdat er veel verbanden door elkaar spelen.

Het nieuwe rapport van de Australische denktank waagt zich daar wel aan en komt met cijfers die een veelvoud zijn van de somberste verwachtingen tot nog toe. Groot nieuws of een rekenfout, en daarmee een overschatting?

Ingrid Boas van Wageningen Universiteit houdt het op het laatste: "Er bestaat al langere tijd een groot verschil tussen wat wetenschappers schrijven over dit onderwerp, en wat denktanks en maatschappelijke organisaties erover zeggen."

"De hoge schattingen trekken vaak een te lineair verband tussen klimaatverandering en migratie. Dat geeft een veel te simplistisch beeld. Bovendien zijn ze vaak niet transparant over de onderliggende aannames."

Boas onderzoekt de gevolgen van klimaatverandering op migratie en was afgelopen november hoofdauteur van een studie in Nature Climate Change waarmee ze samen met internationale collega's de mythes over klimaatmigratie probeerde te weerleggen.

'Niet iedereen kan weg, en niet iedereen wil weg'

Al eind jaren negentig werd geprobeerd schattingen te maken van het mogelijke aantal klimaatvluchtelingen in 2050. Dan werd bijvoorbeeld gekeken naar de aantallen mensen in dichtbevolkte kustgebieden, en de hoeveelheid land die daar zou kunnen verdwijnen door zeespiegelstijging.

Dat leverde toen een getal op van potentieel 200 miljoen ontheemden. "Maar dat kun je niet zomaar vertalen naar vluchtelingenstromen", zegt Boas.

"Er spelen veel meer factoren mee. Veel mensen kunnen niet weg, zelfs al komt het zeewater steeds dichterbij. Dit heb ik zelf gezien in mijn onderzoek in Bangladesh. Het zijn mensen zonder geld en connecties, en zij lopen het hoogste risico om hard getroffen te worden, juist omdat ze niet mobiel zijn."

De meeste studies zeggen volgens Boas dat migratie vooral lokaal in eigen land plaatsvindt, of op z'n hoogst regionaal. Ook zijn er veel mensen die na een vlucht voor een natuurramp terug proberen te gaan, of niet weg willen, zelfs al lopen ze een risico.

"Miljoenen mensen zullen getroffen worden door klimaatverandering. Maar de manier waarop is heel divers. Als we dit simplificeren naar massale klimaatmigratie zal beleid ook niet de getroffen mensen op de juiste manier kunnen helpen."