De hoeveelheid regen die in de Nederlandse zomers valt, is vooralsnog niet afgenomen, maar wel een stuk grilliger geworden. Zomerse stortbuien zijn in ons land zelfs bijna verdubbeld. Zo kan het dat zowel droogte als wateroverlast vaker voorkomen.

Deze zomer begon uitzonderlijke droog. Nooit eerder was het op 1 juni, bij de start van de meteorologische zomer, zo droog als dit jaar. Maar inmiddels hebben we alweer zes weken wisselvallig weer, waarin flink wat buien overtrokken. Past dit in het plaatje van de zomers van de toekomst?

Het past in elk geval in de huidige klimaattrend van Nederland, vertelt KNMI-klimaatonderzoeker Peter Siegmund aan NU.nl. Door invloed van de mondiale opwarming hebben we in het binnenland weliswaar een grotere kans op droogten, maar dat is een direct gevolg van de hogere temperaturen, die leiden tot meer verdamping.

De gemiddelde hoeveelheid regen in de Nederlandse zomers is over de afgelopen decennia constant gebleven. Siegmund: "We berekenen het gemiddelde klimaat over een periode van dertig jaar. Nu hanteren we het gemiddelde van 1981 tot en met 2010. In die dertig zomers viel gemiddeld 224 millimeter regen - precies evenveel als in de zomers tussen 1951 en 1980."

“Die toename van stortbuien komt doordat de lucht warmer wordt en daardoor meer waterdamp kan bevatten.”
KNMI-klimaatonderzoeker Peter Siegmund

Op lange termijn vaker droogte én stortbuien

Eventuele neerslagveranderingen in de laatste tien jaar zijn daarin nog niet meegewogen. Begin volgend jaar komt het KNMI met een nieuw Nederlands klimaatgemiddelde, op basis van alle metingen tussen 1991 en 2020.

Op de lange termijn houdt het KNMI rekening met een scenario waarin wij 's zomers vaker oostenwinden krijgen en er daardoor langere periodes zonder regen zullen zijn. Samen met de extra verdamping door de hogere temperaturen en meer zon betekent dit dat het droogterisico in Nederland toeneemt.

Maar naast de eventuele verschuiving in klimaatgemiddelden is er nog een verandering gaande: de neerslag wordt grilliger, met een sterke toename van stortbuien. Zo is in de zomer het aantal dagen waarin gemiddeld over heel Nederland meer dan 20 millimeter neerslag valt, tussen 1910 en 2017 met 77 procent gestegen. Lokaal wordt nu op negen zomerdagen meer dan 50 millimeter neerslag genoteerd, terwijl dat veertig jaar geleden slechts vijf dagen per jaar voorkwam.

“Lokaal wordt nu op negen zomerdagen meer dan 50 millimeter neerslag genoteerd, terwijl dat veertig jaar geleden slechts vijf dagen per jaar voorkwam.”

Elke graad opwarming geeft 14 procent hogere neerslagintensiteit

Die toename van stortbuien komt doordat de lucht warmer wordt en daardoor meer waterdamp kan bevatten, zegt Siegmund.

"Hierdoor valt uit de buien 7 procent meer neerslag voor elke graad dat het warmer wordt. Bovendien stijgt warmere lucht sneller en regent daardoor sneller uit. Hierdoor neemt de hoeveelheid regen niet toe, maar de intensiteit ervan wel: die gaat ook met ongeveer 7 procent voor elke graad dat het warmer wordt. Totaal neemt de neerslagintensiteit dus ongeveer 14 procent toe met elke graad dat het warmer wordt."

En de droogte, is die dan voorbij? Nee, bepaald niet. Volgens de Droogtemonitor van het KNMI is het neerslagtekort in Nederland momenteel nog steeds groter dan in de 5 procent droogste zomers. Zodra we in juli of augustus een aantal weken geen regen krijgen, is de kans dus groot dat droogteperikelen voor landbouw, natuur en mogelijk binnenvaart in korte tijd weer de kop opsteken.