Door de coronacrisis is het vliegverkeer sterk teruggelopen. Het effect kun je zien: minder vliegtuigstrepen en daarmee een afname van hoge sluierbewolking. Op NUjij stelde een lezer dat die wolken koelend werken, en dat afname van luchtvaart zo paradoxaal genoeg tot extra opwarming leidt. Klopt dit?

Dat wolken van invloed zijn op de temperatuur, kunnen we zelf al voelen. De heetste zomerdagen hebben een blauwe lucht met een felle zon. 's Nachts werkt het andersom: voor strenge vorst is een heldere sterrenhemel nodig - een wolkendek houdt dan de warmte vast.

Dus zorgen wolken voor afkoeling? Of voor opwarming? Beide, is het antwoord. Door hun lichte kleur weerkaatsen wolken 40 tot 90 procent van het zonlicht naar de ruimte. Zo koelen ze het klimaat. Maar wolken houden óók warmtestraling vast - net zoals broeikasgassen. Dit doen ze dag en nacht. Zo versterken wolken juist de opwarming.

“Door hun lichte kleur weerkaatsen wolken 40 tot 90 procent van het zonlicht naar de ruimte. Zo koelen ze het klimaat.”

Netto hebben wolken een koelend effect, vertelt wolkenexpert Pier Siebesma van het KNMI en de TU Delft: zonder wolken zou het op aarde gemiddeld minstens 6 graden warmer zijn. Maar dit temperatuureffect verschilt per wolkentype en de hoogte waarop ze voorkomen. Als er een stapelwolk voor de zon trekt, wordt het aan de grond een stuk frisser. Maar hoge sluierbewolking heeft netto juist een opwarmende werking.

Broeikaseffect vliegtuigstrepen groter dan koelende werking

Dat geldt dus ook voor vliegtuigstrepen, zegt Siebesma. "Hier zijn modelberekeningen voor gedaan. Afname van vliegtuigstrepen leidt niet tot extra opwarming, maar tot afkoeling, omdat het opwarmende broeikaseffect van de vliegtuigstrepen groter is dan het koelende effect van het tegenhouden van zonnestraling."

Als het vliegverkeer wegvalt, wordt het dus iets zonniger - en gemiddeld ook iets koeler. "Die effecten op de hoeveelheid zonnestraling zijn niet verwaarloosbaar, maar ook niet heel groot", voegt Siebesma toe. "Zo is het effect van afgenomen luchtvervuiling sinds de jaren zeventig vele malen groter."

Toen werd er met name door de industrie en kolencentrales veel meer roet en zwaveloxiden uitgestoten. Door deze luchtvervuiling had Nederland vijftig jaar geleden veel vaker mist en kwam er ook op onbewolkte dagen veel minder zonnestraling op de grond dan vandaag de dag.

In tegenstelling tot vliegtuigstrepen en andere hoge sluierbewolking hebben lage mistvelden weer wel een netto afkoelend effect. Voor het klimaat is dus de ene wolk de andere niet, zegt Siebesma. Maar over vliegtuigstrepen is hij helder: die vergroten het opwarmende effect van de luchtvaart. Bovenop het effect van de CO2-uitstoot dus.