Bijna vier op de vijf Nederlanders vinden dijkversterkingen als reactie op de gevolgen van klimaatveranderingen geen luxe, maar pure noodzaak. Opvallend is dat mensen in het oosten en zuiden van het land minder bang zijn voor een dijkdoorbraak dan in het westen, blijkt dinsdag uit een enquête onder bijna elfhonderd mensen.

Het onderzoek is uitgevoerd door het Hoogwaterbeschermingsprogramma, een alliantie van Rijkswaterstaat en de waterschappen die deze week aandacht besteedt aan het extreme hoogwater in Gelderland en Limburg van 25 jaar geleden.

Honderdduizenden mensen moesten toen hun huis verlaten, omdat dijken dreigden door te breken. Het was de grootste evacuatie in Nederland sinds de Tweede Wereldoorlog.

Bijna de helft van de ondervraagden zegt zich concreet zorgen te maken over zaken als de stijging van de zeespiegel en smeltende poolkappen en het effect dat dit op Nederland zal hebben.

'Nederland ziet er over honderd jaar heel anders uit'

De grootste angst die deze groep Nederlanders heeft, is dat nutsvoorzieningen zoals elektriciteit, gas en water in een noodsituatie zullen uitvallen.

Deze angst is bij veertigplussers groter dan onder jongeren. Een grote meerderheid denkt dat Nederland er over een eeuw door klimaatveranderingen anders zal uitzien dan nu het geval is.

Grote meerderheid vertrouwt de overheid

Tegelijkertijd zeggen vier op de vijf ondervraagden erop te vertrouwen dat de overheid de juiste maatregelen zal nemen. Zij denken niet dat Nederland in de nabije toekomst in de problemen komt door overstromingen.

Slechts 3 procent van de deelnemers aan het onderzoek zegt een verhuizing in de toekomst te overwegen, omdat zij bang zijn voor de gevolgen van hoogwater voor hun huis.

De enquête werd gehouden onder een representatieve groep Nederlanders van achttien jaar en ouder.