Na bijna twee weken onderhandelen heerst er een mineurstemming rond de klimaattop in Madrid. Landen willen oude emissierechten niet opgeven en ook financiering blijft een discussiepunt. Terwijl deze top juist op dat vlak voor progressie had moeten zorgen: de spelregels van het Parijsakkoord. Daardoor blijft de grote olifant in de vergaderzalen opnieuw onbesproken: het feit dat de huidige emissiedoelen onvoldoende zijn om meerdere graden temperatuurstijging te voorkomen.

Dat onderwerp - aanscherping van emissiedoelen - zou officieel pas volgend jaar op de agenda staan, tijdens een soortgelijke klimaatconferentie in het Schotse Glasgow. Maar achter de schermen is de diplomatie ook altijd gericht op de overkoepelende ambitie, vertelde de Nederlandse klimaatgezant Marcel Beukeboom in de eerste week aan NU.nl.

En de klimaattop in Madrid had er het fundament voor moeten opleveren: zonder akkoord over de spelregels zullen landen minder geneigd zijn om nationale toezeggingen te doen.

Het "hete hangijzer" dat Beukeboom voor de klimaattop voorzag, was artikel 6 van het Parijsakkoord. Dat gaat over de uitstootrechten van landen - op welke manier landen zulke rechten onderling kunnen verhandelen - en de vraag of oude rechten uit het Kyotoprotocol, een klimaatakkoord uit 1997, nog steeds geldig zijn.

Tegenwerkende landen willen overtollige emissierechten behouden

Onder andere de EU wil dat de oude rechten uit de handel gaan, omdat landen nu te veel emissieruimte hebben en voor een te lage prijs extra ruimte kunnen kopen. Er is zo onvoldoende prikkel om zelf de uitstoot terug te dringen. Tegenwerking komt van onder andere Brazilië en Rusland, die geld willen voor de overtollige emissierechten, en van Australië, dat goedkope rechten wil blijven kopen.

Vanwege deze scherpe tegenstelling werd vrijdag op de officieel laatste dag van de klimaattop geen akkoord bereikt en besloten om 's nachts door te onderhandelen. Zaterdag is een nieuwe concepttekst gepresenteerd, maar toen is ook geen akkoord gesloten.

Eigenlijk had er vorig jaar al akkoord bereikt moeten worden over het onderwerp. Ook toen bleven de tegenstellingen te groot. "De kloof tussen de ambitieuze landen en de landen die tegenwerken is ook op deze klimaattop vooralsnog helaas niet kleiner geworden", concludeert Beukeboom.

Kleine succesjes op de klimaattop zijn onder andere de toezegging van landen als Duitsland, Zwitserland en Noorwegen om in totaal 80 miljoen euro toe te zeggen voor het zogeheten adaptatiefonds. Dat fonds moet arme landen helpen om zich aan te passen aan de onvermijdelijke gevolgen van klimaatverandering. Maar ook hier is eigenlijk veel meer geld nodig.

Daarnaast kwam de EU tijdens de klimaattop met een eigen klimaatactieplan, de New Green Deal. Dat plan moet van Europa een duurzame koploper maken en ertoe leiden dat de EU-landen in 2050 klimaatneutraal zijn.

Demonstranten in Madrid tijdens de klimaattop in de Spaanse hoofdstad. (Foto: Pro Shots)

Zonder akkoord over de regels ook geen aanscherping emissiedoelen

Het uiteindelijke doel van het VN-klimaatverdrag is het voorkomen van "gevaarlijke klimaatverandering". In 2015 is in Parijs afgesproken de opwarming te beperken tot "ruim onder 2 graden", en bij voorkeur niet meer dan 1,5.

Om dat te bereiken moet de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen in 2050 naar (netto) nul zijn gebracht, en in 2030 al bijna gehalveerd. Maar als je alle nationale doelen voor uitstootverlaging van de 192 deelnemende landen bij elkaar optelt, zijn die nog ruim onvoldoende. Zelfs als alle landen hun doelen daadwerkelijk realiseren, zal de wereld alsnog minstens 3 graden opwarmen. Toch is dit een onderwerp dat al meer dan vier jaar nauwelijks aan bod komt in de klimaatonderhandelingen - de huidige emissiedoelen van landen dateren van vóór de klimaattop in Parijs.

Als besloten wordt dat ook oude emissierechten in de handel blijven, zal de opwarming zelfs nog iets verder omhoog gaan - circa 0,1 graad extra - stelt Climate Action Network (CAN), een koepel van samenwerkende milieuorganisaties.

De belangrijkste progressie komt volgens Beukeboom op dit moment dan ook niet van landen, maar van onafhankelijke partijen, zoals bedrijven, financiële instellingen en betrokken burgers. "Het goede nieuws is dat veel van die spelers niet wachten tot overheden een akkoord bereiken. Het klimaatakkoord van Parijs is stevig verankerd in de samenleving en voor velen een doelstelling."

Dat betekent niet dat de Europese landen hun handen ervan aftrekken, voegt Beukeboom toe: "De EU is onderdeel van een coalitie van landen die meer ambitie wil en staat in de onderhandelingen pal voor de integriteit van het systeem." Daarom is het volgens Beukeboom soms ook beter om geen akkoord dan een slecht akkoord te bereiken.