De jaarlijkse klimaatconferentie van de Verenigde Naties is maandag van start gegaan in Madrid. Er wordt twee weken onderhandeld over het akkoord van Parijs, dat op 1 januari officieel in werking treedt. Waarom zijn die onderhandelingen zo moeilijk? En wat geeft hoop? NU.nl vroeg het aan de Nederlandse klimaatgezant Marcel Beukeboom.

De functie van klimaatgezant moet je zien als die van een ambassadeur, legt Beukeboom uit. De eigenlijke onderhandelingen worden gevoerd door inhoudelijke experts op allerlei deelthema's. De klimaatgezant is het gezicht van de Nederlandse delegatie en begeleidt de Nederlandse bewindspersonen, zoals premier Mark Rutte tijdens de opening en volgende week de ministers die ook naar de klimaattop zullen komen.

Na vertrek van de ministers kan de klimaatgezant taken en bevoegdheden overnemen. Zo moet Beukeboom overzicht houden op het hele proces en de onderhandelingen ook inhoudelijk goed kennen. Daarin trekken de EU-landen gelijk op.

Heet hangijzer: hoe eenvoudig moet het zijn om 'emissieruimte' te kopen?

Het gaat dit jaar nog over de spelregels voor internationale samenwerking. Centraal staat daarbij een onderwerp waar eigenlijk vorig jaar al een akkoord over had moeten worden bereikt: 'Artikel 6' van het Parijsakkoord. Het is slechts één A4'tje tekst, maar dat is voorlopig voor meerdere interpretaties vatbaar - en sommige landen maken daar een flinke strijd van.

Artikel 6 is deze klimaattop het heetste hangijzer, zegt Beukeboom. Het gaat over manieren waarop landen onderling emissieruimte kunnen verhandelen. Een risico is daarbij dat uitstootverlagingen dubbel worden geteld, en ook dat er te veel emissieruimte uit oude klimaatafspraken, zoals het Kyotoprotocol van 1997, op de markt blijven.

Als er veel oude rechten in de markt zitten, is de prijs volgens Beukeboom automatisch laag en dat maakt het dus aantrekkelijk om je emissieruimte te kopen, in plaats van zelf de uitstoot te verlagen.

Demonstranten tijdens een klimaatmars in Maastricht. (Foto: Pro Shots)

Tegenwerking komt van verdedigen kortetermijnbelangen

De Europese Unie staat daar strak in, zegt Beukeboom - het is beter om géén akkoord te hebben over deze mechanismen, dan een slecht akkoord. Er is op dit punt onder meer tegenwerking van Brazilië, dat oude rechten wil verkopen, en van Australië, dat een grote steenkoolindustrie heeft.

De huidige Australische regering is op klimaatgebied weinig ambitieus, licht Beukeboom toe. "Als je het rijtje volgt van Trump (Donald Trump, president van Amerika, red.) via Bolsonaro (Jair Bolsonaro, president van Brazilië, red.) naar Scott Morrison in Australië, dan zijn dat eigenlijk de leiders die op dit moment proberen het proces te frustreren. Trump doet dat door er gewoon uit te stappen, Bolsonaro door heel moeilijk te doen over Artikel 6, en Australië door alle elementen te verdedigen die de ambitie laag kunnen houden."

"De Brazilianen hebben het Amazonewoud, de Saoedi's hun olie-industrie en de kleine eilandstaten worden juist sterk bedreigd door zeespiegelstijging. Zo hebben allerlei landen verschillende belangen bovenaan hun prioriteitenlijst staan en die spelen ook steeds door alle onderhandelingen heen.

Als je zicht hebt op de motieven van landen, is dat het begin naar een oplossing, aldus Beukeboom. "Uiteindelijk probeer je een pakket bij elkaar te krijgen waar voor iedereen wat in zit." Met één essentie: "Op termijn hebben we er allemaal belang bij om klimaatverandering tegen te gaan."

'Formeel gaat het over spelregels, achter de schermen over ambitie'

Pas als de spelregels goed zijn afgesproken, kan er worden gekeken hoe landen hun uitstoot verder kunnen terugdringen. Dat laatste is van groot belang: vorige week verscheen een rapport van het VN-milieuprogramma, waaruit blijkt dat er een steeds grotere kloof ontstaat tussen klimaatdoelen en de werkelijke uitstoot van broeikasgassen. Ook de geplande productie van steenkool, olie en gas is niet in lijn met die doelen. Als de wereld op de huidige koers doorgaat, wordt het minstens 3 graden warmer - twee keer zoveel als in 2015 in Parijs is afgesproken.

Na Parijs hadden de klimaatonderhandelingen aanvankelijk nog de wind mee, zegt de Nederlandse klimaatgezant. We hadden toen als realistische termijn bedacht dat we nog vijf jaar nodig hadden om het akkoord in werking te laten treden, maar vrijwel alle landen hadden het eigenlijk al binnen een jaar geratificeerd.

"Maar na 2016 is er in de wereld het een en ander veranderd", aldus Beukeboom, die het jaar na 'Parijs' de functie van klimaatgezant kreeg, en voor wie 'Madrid' dus alweer de vierde VN-conferentie op rij is. Pas volgend jaar, tijdens de klimaattop in Glasgow, staat 'de ambitie' officieel weer op de agenda. Landen moeten dan scherpere emissiedoelen voorstellen.

Maar daar gaat het nu achter de schermen natuurlijk ook over, vertelt Beukeboom, en in die diplomatie heeft de klimaatgezant ook een rol te spelen. Het doel blijft de opwarming te beperken tot 1,5 graad.

'Wat jongeren zeggen vindt overal weerklank'

Beukeboom is ervan overtuigd dat de betrokkenheid van burgers bij de klimaatonderhandelingen een cruciale factor is om de wereld tot samenwerking te laten komen. "Ik zit aan de binnenkant en zie wat daar allemaal gebeurt. Ik heb de afgelopen jaren het effect van die druk van buiten enorm zien toenemen. Ik hoor ook politici zowel voor als achter de schermen daaraan refereren."

"En ik merk dat wat jongeren zeggen z'n weerklank vindt in alle vergaderzalen waar ik kom. Dat realiseert niet iedereen zich, maar het is een factor van groot belang."

Ondanks kritiek op het gebrek aan progressie in de klimaatonderhandelingen, is Beukeboom ervan overtuigd dat ze zin hebben. "Maar het moet niet het enige zijn. We moeten het uitleggen in begrijpelijke taal en mensen moeten zoveel mogelijk meekrijgen."

"Dat is een beweging die je in de Nederlandse samenleving gelukkig steeds meer ziet. Alle opiniepeilingen laten zien dat er een groeiend bewustzijn is voor de noodzaak - ook om er zelf wat aan te doen. Dat vind ik een teken van de beweging die de goeie kant opgaat."