Herfstbladen halen ieder jaar het nieuws. Vooral treinvertragingen door bladeren worden breed uitgemeten. Waar we doorgaans echter niet bij stilstaan, is de enorme hoeveelheid koolstof die alle bladeren bij elkaar bevatten én dat het vallen en langzaam wegrotten van de bladeren daarmee ook een meetbaar effect heeft op de atmosfeer: dit effect is grofweg twee keer zo groot als de jaarlijkse uitstoot van alle fossiele brandstoffen.

Het grote verschil: bladeren groeien in de lente weer terug en halen eenzelfde hoeveelheid van het broeikasgas weer uit de lucht - reden dat de wereldwijde CO2-grafiek niet zomaar een stijgende lijn is, maar ook elk jaar piekt aan het einde van de winter en juist een dip heeft aan het einde van de zomer.

Het is eind november, dus veel loofbomen hebben hun bladeren afgeschud. Dat geldt dit jaar niet voor de meeste eiken en beuken, die op veel plaatsen nog vol in blad staan - uitzonderlijk laat voor de tijd van het jaar. Het gevolg van een warm en rustig najaar, meldt de Wageningse bioloog Arnold van Vliet: de herfst is dit jaar "laat tot zeer laat".

Herfstbladeren zijn de grootste bron van CO2 op aarde. Zodra ze verkleuren, begint het proces: de fotosynthese is gestopt en dus neemt het blad geen CO2 meer op. Eenmaal op de grond gevallen, gaat het proces in de achteruit. De bladeren beginnen langzaam te rotten, waarbij de opgeslagen koolstof weer vrijkomt als CO2.

Zelfs fluctuatie op Hawaï

Het effect is groter dan je misschien denkt. Zelfs zo groot dat er in de buurt van bossen geen goede metingen kunnen worden verricht van de atmosferische CO2-trend: de seizoensruis is er te groot. Het gezaghebbendste meetstation ligt dan ook sinds de jaren vijftig op Hawaï, midden in de Grote Oceaan - en dus zo ver mogelijk verwijderd van bossen.

Desondanks is ook op dit meetstation in Hawaï een forse seizoensfluctuatie te zien. Die volgt de seizoenen van het noordelijk halfrond, omdat hier de meeste landmassa's liggen en dus ook de meeste bossen. Ook midden op de oceaan gaat het om een CO2-fluctuatie van zes à zeven deeltjes per miljoen (ppm). Ter vergelijking: dat is ruim twee keer zo veel als de jaarlijkse door mensen veroorzaakte stijging.

Het grote verschil: zolang de hoeveelheid bossen op aarde ongeveer constant is, ademt de natuur evenveel CO2 in als uit. Herfstbladeren geven een enorme CO2-uitstoot, maar in het groeiseizoen wordt die weer volledig gecompenseerd.

De CO2-concentratie van de atmosfeer wordt gemeten op Hawaï. Naast de stijging van jaar tot jaar is ook seizoensfluctuatie te zien: dat is het 'in- en uitademen' van bossen op het noordelijk halfrond.

Het Scripps Institution of Oceanography, dat uit de CO2-metingen op Hawaï de hierboven afgebeelde grafiek maakte, verklaart de jaarlijkse piek in één korte zin: in Siberië wordt het lente in mei. Dat is het keerpunt dat de nieuwe bladeren aan de bomen komen en de fotosynthese weer krachtiger wordt dan het rottingsproces. Die balans is het grote verschil met 'onze' CO2-uitstoot.

De onderliggende trend gaat versneld omhoog

Afgelopen maandag meldde de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO) dat de aarde een nieuw record heeft bereikt: nooit eerder in de menselijke geschiedenis - en vermoedelijk zelfs drie miljoen jaar lang - was de CO2-concentratie zo hoog als in 2019. Het is eigenlijk bijna geen nieuws meer te noemen, het vorige record viel in 2018 en het record daarvoor in 2017.

Het onderliggende nieuws van het WMO-rapport is nog iets pessimistischer: de jaarlijkse stijging in de concentratie broeikasgassen is iets aan het versnellen. Teken dat de wereld er momenteel niet in slaagt het klimaatprobleem onder controle te krijgen.

Welke rol speelt 'dode biomassa' in de aanpak van klimaatverandering?

Wat bladeren daar aan kunnen veranderen? Erg weinig. Maar misschien wel iets: hoe wij omgaan met 'dode biomassa' bepaalt ook hoe snel deze oxideert en dus omzet in CO2. Bladeren die op een vochtige bodem liggen, rotten langzamer en kunnen een deel van hun koolstofverbindingen aan de bodem geven, met een belangrijke rol voor schimmels, die koolstof metersdiep in de bodem kunnen opslaan. In die zin is het laten liggen van bladeren beter dan aanharken.

In een radicalere aanpak wordt juist omgekeerd geredeneerd: biomassa verbranden in elektriciteitscentrales en de CO2 ondergronds opslaan. In theorie kunnen daarmee zogeheten 'negatieve emissies' worden gecreëerd. Met nadruk op in theorie, want de kosten van deze vorm van CO2-opslag zijn hoog en het wordt voorlopig nergens in de praktijk gebracht. Mogelijk is het aanplanten van extra bossen effectiever.

Het klimaatprobleem blijft een grote puzzel, maar alle beetjes helpen, zeker als ze op een enorme hoop komen - zoals herfstbladeren.