Het Amazonewoud, Siberië, zelfs binnen de noordpoolcirkel - afgelopen zomer waren bosbranden groot in het nieuws. Daar komen felle bosbranden in Californië en Australië nog bij. Nemen bosbranden toe in een warmer klimaat? En wat valt er eigenlijk aan te doen? NU.nl vroeg het aan een expert.

Bij elkaar opgeteld krijgt 2019 waarschijnlijk het grootste aantal bosbranden in meer dan twintig jaar. Sinds het begin van bosbrandwaarnemingen met satellieten ging er alleen in 1997 en 1998 meer bos in vlammen op. Dat kwam toen door het natuurlijke klimaatfenomeen El Niño, dat leidt tot droogte en bosbranden in Zuidoost-Azië.

Dit jaar liggen de voornaamste brandhaarden op andere plekken. Er waren afgelopen zomer bovengemiddeld veel bosbranden in de Amazone en vooral in de Siberische taiga, schreef het KNMI vorige maand. Daar komen de recente bosbranden in Californië en Australië nog bovenop.

Lucht kleurt oranje door zware bosbranden in Australië
46
Lucht kleurt oranje door zware bosbranden in Australië

Branden bij bevolkingscentra krijgen meeste aandacht

Nemen bosbranden wereldwijd toe? Nee, en ja, vertelt bosbrandonderzoeker Guido van der Werf van de Vrije Universiteit. De ontwikkeling van bosbranden in de wereld is een complex verhaal. Dat komt omdat er eigenlijk verschillende soorten bosbranden zijn, die verschillende oorzaken hebben. Ook zijn niet alle bosbranden even schadelijk voor de natuur of het klimaat.

De bosbranden die wij veel in het nieuws zien, zijn de bosbranden in gematigde streken, in de buurt van bevolkingscentra, vertelt Van der Werf. Voorbeelden zijn de huidige bosbranden in Californië en Australië. Die bosbranden nemen toe, en daarin speelt klimaatverandering een rol - Australië en Californië worden heter, waardoor de bossen sneller uitdrogen. In Californië is het aantal branden nu zelfs acht keer zo hoog als in de jaren zeventig. Uit onderzoek blijkt dat ongeveer de helft van de toename van bosbranden in het westen van de VS valt toe te schrijven aan de mondiale opwarming.

Daarnaast zijn er branden in tropische regenwouden. Die zijn van nature heel zeldzaam, en vaak aangestoken om gebieden te ontbossen. Een voorbeeld zijn de branden in de Amazone, die dit jaar ook volop in het nieuws kwamen.

Dan zijn er nog natuurbranden in noordelijke gebieden, zoals de Russische taiga en de toendra, en branden op savannes. Dat zijn subtropische steppegebieden in Afrika, Australië en Zuid-Amerika die vooral uit gras bestaan met verspreid bomen, en gekenmerkt worden door een afwisseling van een droog en een nat seizoen.

Bosbranden in Australië (Foto: Reuters)

Savannebranden nemen af omdat er steeds minder savanne is

Savannebranden zijn de meest voorkomende natuurbranden, zegt Van der Werf. Het gaat wereldwijd om zo'n 85 procent van het gebied dat jaarlijks afbrandt - gelijk aan het oppervlak van de EU. Branden horen hier ook voor te komen. "Zonder branden geen savanne."

Die savannebranden zijn juist aan het afnemen. "Dat komt omdat savannes in veel gebieden worden omgezet in landbouwgrond, vanwege de stijgende vraag naar voedsel. We zien hierdoor dat het totale aantal natuurbranden in de wereld aan het afnemen is."

In tropische regenwouden nam het aantal branden sinds het midden van de vorige eeuw toe, maar is dat in de laatste decennia min of meer stabiel. De toename van bosbranden zit nu vooral in de gematigde en koude streken, zegt Van der Werf.

Veel bossen horen te branden, maar regenwouden en toendra niet

De onderzoeker vertelt dat dit jaar de branden op de Arctische toendra hem het meest opvielen: "Het is vrij bizar om je voor te stellen dat binnen de poolcirkel zo'n groot gebied in de fik staat. Daar is de relatie met klimaatverandering ook het sterkst. Het warmt sneller op dan gemiddeld en een week zonder regen is er genoeg om een gebied uit te drogen. Ook komt bliksem nu voor binnen de poolcirkel - terwijl dat vroeger nooit werd waargenomen."

Kunnen we iets doen aan de branden? Bosbeheer is een belangrijke factor, zegt Van der Werf. "Een bekend voorbeeld is het aanplanten van Australische eucalyptusbomen in Portugal - bomen die enorm intense branden geven, en dus geen verstandige keuze zijn."

De wens om branden te blussen is begrijpelijk, maar dat is niet altijd het beste. In brandgevoelige gebieden kan je de afweging maken om kleine branden toe te laten. "Veel bossen horen te branden. Het zorgt voor verjonging en voor een gevarieerder bos. Dat maakt het bos resistenter tegen bijvoorbeeld plagen - én tegen megabranden."

Toch heeft Van der Werf wel zorgen voor de toekomst: "Bosbranden zijn slecht op plekken waar ze niet horen of als ze toenemen in omvang. Tropische bossen zoals de Amazone zijn van nature brandbestendig, maar bij verdere stijging van de temperatuur worden die extra kwetsbaar door droogtes. En ook de branden in de noordelijke taiga's nemen toe in een warmere wereld. Die bossen zijn belangrijk voor het klimaat, omdat er relatief veel koolstof in ligt opgeslagen."

"Aan de toename van die klimaatgerelateerde bosbranden valt weinig direct te doen. Het heeft alles te maken met hoe goed het ons lukt om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen en de opwarming in die gebieden een halt toe te roepen."