Een gemiddelde koe boert tijdens de spijsvertering dagelijks zo'n 600 liter methaan, een krachtig broeikasgas. De totale klimaatbelasting van intensieve veehouderij kan daardoor flink oplopen. Nederlandse onderzoekers van DSM en de Wageningen Universiteit denken een oplossing te hebben: een poeder dat de methaanuitstoot moet verlagen.

Chemieconcern DSM heeft het poeder Bovaer genoemd en spreekt officieel van een veevoeradditief. Door dit aan het veevoer toe te voegen, kunnen boeren de methaanuitstoot van koeien volgens het bedrijf structureel met zo'n 30 procent verlagen.

DSM zegt dat de ontwikkeling van het poeder, waar een koe dagelijks "een kwart theelepel" van zou moeten binnenkrijgen, het resultaat is van tien jaar onderzoek. De werking zou zijn aangetoond in maar liefst 25 door onafhankelijke wetenschappers getoetste publicaties.

Ook zeewier kan methaanboeren flink remmen

Die kleine hoeveelheid van het voedingssupplement kan een enzym onderdrukken dat in koeienmagen de productie van methaan veroorzaakt. Tijdens de vertering boeren de koeien en zo komt het gas vrij, soms in zeer grote hoeveelheden. Het poeder zou de gezondheid van de koeien niet schaden: "Het werkt meteen en wordt weer veilig afgebroken door de normale spijsvertering van de koe. Zodra het voederadditief niet meer wordt verstrekt, stijgt de productie van methaan weer naar het oude niveau zonder blijvende gevolgen voor de koe."

Maar is het eigenlijk wel normaal dat koeien zoveel methaan produceren? Ja, grotendeels. Alle herkauwers doen het van nature. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor schapen en geiten, waarvoor het poeder volgens DSM ook ingezet kan worden.

Het maakt echter wel uit wat de koeien te eten krijgen. Naast gras en kuilgras krijgen koeien ook veevoer als suikerbiet, soja en granen te eten. De verhouding tussen gras en zulk krachtvoer bepaalt ook hoeveel methaan vrijkomt bij de vertering. Zetmeelrijke koeienvoeding zou de methaanproductie verlagen. Suikerrijke voeding kan de spijsvertering van koeien juist verstoren, mogelijk met extra methaanuitstoot tot gevolg.

Maar ook koeien die alleen gras te eten krijgen, produceren methaan. Amerikaanse onderzoekers stelden in een 2014 gepubliceerde studie dat het toevoegen van 0,5 procent zeewier aan koeienvoer de methaanuitstoot tot 99 procent kan verlagen.

Methaan is belangrijke oorzaak van huidige klimaatverandering

Wat is ook alweer het probleem met methaan? Methaan is een zeer krachtig broeikasgas. Het blijft relatief kort in de atmosfeer (binnen een paar jaar zet het om in CO2), maar houdt in die korte tijd per gram honderden keren zoveel warmte vast in de atmosfeer als CO2, dat juist zeer lang in de atmosfeer blijft.

Toch is het opwarmende effect van methaan ook een eeuw na de uitstoot nog 28 keer zo groot als dat van CO2. Omdat er door de moderne mens veel meer CO2 wordt uitgestoten dan methaan, blijft CO2 evenwel de belangrijkste veroorzaker van de huidige klimaatverandering. Methaan staat op de tweede plek: stijging van de methaanconcentratie veroorzaakt ongeveer een vijfde van de mondiale opwarming.

Ook door de winning en het transport van aardgas komt relatief veel methaan vrij. Daarnaast kunnen moerasgebieden veel methaan produceren, zoals de toendra rond de Noordpool. De methaanproductie neemt hier toe door opwarming van de bodem.

Veehouderij goed voor zo'n 15 procent van mondiale uitstoot

Circa 20 procent van de mondiale methaanuitstoot is momenteel afkomstig van koeien. In Nederland is dit aandeel door de omvang van de melkveesector groter.

De totale klimaatbelasting van de veehouderij omvat meer dan methaan. Ook het gebruik van land en de productie van veevoer zijn belangrijke bronen van broeikasgassen, zoals CO2 en lachgas. Dit komt vooral doordat de toenemende vraag naar landbouwgronden leidt tot ontbossing, zoals in de Amazone waar steeds meer veevoer wordt geproduceerd.

Alles bij elkaar opgeteld is de veehouderij verantwoordelijk voor zo'n 15 procent van de menselijke uitstoot van broeikasgassen, blijkt uit een studie van onder meer de Wageningen Universiteit en het Planbureau voor de Leefomgeving. Het gebruik van fossiele brandstoffen is daarmee een nog veel belangrijkere oorzaak van klimaatverandering.

Doordat mensen wereldwijd steeds meer vlees en zuivel eten, neemt de klimaatbelasting door veeteelt wel toe. Er is voorlopig geen middeltje op de markt dat die ontwikkeling zomaar lijkt te keren. Wel plantaardige alternatieven, zoals vleesvervangers.

In twee jaar tijd zijn Nederlanders 51 procent meer vleesvervangers gaan eten en iets minder vlees. We zitten daarmee wat betreft vleesconsumptie nog steeds boven het mondiale gemiddelde. In tropisch Afrika en India wordt het minst vlees gegeten en in Australië het meest.

De zuivelconsumptie neemt ondertussen vooral in China sterk toe. In veel gevallen gaat het dan om zuivel die afkomstig is van Nederlandse koeien.