Slechts 71 van de 355 Nederlandse gemeenten liggen op schema om volgend jaar maximaal 100 kilo restafval per inwoner op te halen. Het gemiddelde zou dit jaar nog op 151 kilo per inwoner liggen, schrijft de Volkskrant maandag.

De krant baseert zich op cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en Rijkswaterstaat. Met name in grote steden met meer dan 100.000 inwoners wordt het doel ruimschoots gemist. Daar ligt het gemiddelde volgens de Volkskrant op 245 kilo restafval per inwoner.

De daadwerkelijke hoeveelheid afval per inwoner kan nog hoger uitvallen, doordat de resultaten van bedrijven en het grofvuil niet zijn meegenomen in de analyse van het dagblad.

Het scheiden van gft, plastic, papier en glas wordt als de effectiefste manier gezien om de hoeveelheid restafval te verminderen.

Twee positieve uitschieters, de gemeenten Reusel-De Mierden en Horst aan de Maas, zouden die methode hebben toegepast en halen het gescheiden afval bij inwoners thuis op. Daarnaast moeten inwoners per vuilniszak of kilo restafval betalen, waardoor zij door het scheiden van afval tientallen euro's per jaar besparen, aldus de Volkskrant.

'Veel gemeenten stappen niet over op nieuwe methode'

Volgens het dagblad laten veel andere gemeenten hun inwoners nog steeds zelf glas, gft, plastic en papier wegbrengen, terwijl zij voor het restafval een vast bedrag per jaar betalen. Huishoudens zouden daardoor veel sneller geneigd zijn om minder afval te scheiden en alles onder het restafval te scharen.

In Friesland en Groningen zouden gemeenten daar een oplossing voor hebben gevonden. Daar wordt het afval pas bij de verwerking ervan gescheiden, waardoor veel minder vuilnis overblijft, schrijft het CBS. Steeds meer gemeenten zouden overstappen op deze methode.