Het energieverbruik uit hernieuwbare bronnen is vorig jaar gegroeid naar een aandeel van 7,4 procent van het totale energieverbruik in Nederland. In 2017 was dit nog 6,6 procent, maakt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) woensdag bekend.

De toename is voor ruim de helft te danken aan een groter verbruik van biomassa, met name in de vorm van biodiesel en biobenzine. Het verbruik daarvan nam flink toe door een aanscherping van de wet Energie voor Vervoer. Kolencentrales zijn daarnaast een derde meer biomassa gaan meestoken.

Biomassa is goed voor 61 procent van de hernieuwbare energie en daarmee de grootste bron. Het verbruik van hernieuwbare energie in Nederland kwam vorig jaar uit op in totaal 158 petajoule (PJ), 13 procent meer dan in 2017.

Het verbruik van zonne-energie nam in 2018 toe met 40 procent, terwijl het verbruik van windenergie met 4 procent steeg. Het windmolenpark op zee bleef even groot. Op land kwamen er 66 windmolens bij en werden er achttien afgebroken.