Bedrijven moeten meer betalen om CO2 uit te stoten in Europa. Niet door nieuwe regelgeving, maar door een systeem dat al ruim een decennium geleden is opgezet.

Het krijgt weinig aandacht, maar in Europa is al een mechanisme om de CO2-uitstoot op een zo efficiënte manier mogelijk te verlagen: het Europese emissierechtensysteem (EU ETS).

Bedrijven die onder het mechanisme vallen, moeten een recht hebben voor elke ton koolstofdioxide (CO2) die ze willen uitstoten. Dat recht kunnen ze toegewezen krijgen, maar ook kopen. In theorie kan de uitstoot van CO2 en andere schadelijke broeikasgassen zo makkelijk worden beperkt door het aantal rechten te verlagen.

Voor bedrijven betekent dit dat er sinds 2005 een financiële stimulans is om minder CO2 uit te stoten. Als deze CO2-prijs maar genoeg stijgt, wordt het op een gegeven moment ook financieel interessanter om te investeren in schonere technologieën.

Dit klinkt ideaal, maar in de praktijk waren er veel twijfels over de effectiviteit van het mechanisme. Zo waren er in het begin te veel rechten en na 2008 sloeg de crisis toe en daalde de vraag naar CO2-rechten. Vanaf toen daalde de prijs ook tot een niveau dat bedrijven er eigenlijk geen rekening meer mee hielden. 

Flinke prijsstijging na aanpassingen in systeem

Maar dit jaar is daar opeens verandering in gekomen. Begin dit jaar werd nog zo'n 8 euro voor een emissierecht betaald. In september is dat gestegen naar ongeveer 23 euro, een toename van 190 procent

Hoe komt dit? De Europese Unie heeft eind vorig jaar iets toegevoegd aan het systeem. Zo is er een nieuw mechanisme gekomen waarmee een deel van de overtollige emissierechten worden geschrapt vanaf 2019. Verder wordt vanaf 2021 jaarlijks de totale hoeveelheid CO2-rechten met 2,2 procent verlaagd. Sommige marktvolgers denken dat dit de CO2-prijs weleens kan doen stijgen naar 30 euro per recht.

Maar is dit genoeg om de Europese klimaatdoelen te halen? Waarschijnlijk is daarvoor nog een fors hogere prijs nodig. Volgens analisten van het Internationaal Energieagentschap (IEA) en de private organisatie Carbon Tracker is een prijs van 50 euro per ton nodig om bedrijven ertoe te bewegen flink minder CO2 uit te stoten in de atmosfeer.

Het opslaan van CO2 is dan een levensvatbare optie voor bedrijven en energiebedrijven zouden dan sneller overschakelen van kolencentrales naar gascentrales, die relatief minder vervuilend zijn.  

Bedrijven nemen het systeem weer serieus

Op termijn kan de prijs wel bij die grens in de buurt komen. Carbon Tracker verwacht met de huidige opzet een CO2-prijs van gemiddeld 35 tot 40 euro in de periode tussen 2019 en 2023. Vooral de energiesector en de luchtvaart zouden te maken krijgen met een tekort aan CO2-rechten.  

Volgens consultant Jos Cozijnsen is er een kentering ontstaan waarin het emissierechtensysteem weer serieus genomen wordt door bedrijven. "Het maakte geen deel uit van de investeringsbeslissingen. Niemand nam het serieus. Dat is nu voorbij."

Ook zal het systeem nu effectief een bijdrage kunnen leveren aan de klimaatdoelen van de EU, zegt Cozijnsen. De EU wil in 2030 40 procent minder broeikasgassen uitstoten vergeleken met 1990. Voor de doelen van Parijs, de opwarming van de aarde beperken, is meer actie nodig.