Onderhandelaars uit ongeveer tweehonderd landen zijn in Parijs voor de 21e klimaattop van de Verenigde Naties, die maandag 30 november is begonnen. 

De conferentie duurt van 30 november tot en met 12 december en wordt ook vaak aangeduid als COP21; Conference of Parties.

Het was de bedoeling dat vrijdag 11 december de laatste dag zou zijn, maar de onderhandelaars hebben nog een dag langer nodig om te kunnen stemmen over een ontwerp voor een klimaattakkoord.

De wereldleiders vergaderen er over het klimaat, de opwarming van de aarde en manieren om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. 

Staatssecretaris Dijksma liet woensdag weten optimistisch te zijn over het verloop van de top.

Sharon Dijksma benadrukte de noodzaak voor een ambitieus akkoord om de opwarming van de aarde tegen te gaan. "We moeten het verdriet van Kopenhagen achter ons laten", zei ze. Ze verwees daarmee naar de vorige klimaattop in Europa, waarvan het resultaat achterbleef bij de verwachting.

Alle bijna tweehonderd deelnemende landen hebben vooraf de wil uitgesproken om een nieuw klimaatakkoord te sluiten. Die zal ingaan in 2020 als het huidige akkoord, het zogenoemde Kyoto-protocol, afloopt.

Vorig jaar hebben de landen tijdens de klimaattop in de Peruaanse hoofdstad Lima al een raamwerk geschetst voor het uiteindelijke akkoord in de Franse hoofdstad.

De plannen moeten er voor zorgen dat de uitstoot van koolstofdioxide, of CO2, wordt ingeperkt.

CO2 is medeverantwoordelijk voor het broeikaseffect waardoor de aarde opwarmt. Volgens wetenschappers heeft dit heftige weersomstandigheden, zoals langdurige droogte, grote regenbuien of tyfoons, tot gevolg. Ook smelt het poolijs waardoor de zeespiegel stijgt.

Het belangrijkste doel is om de opwarming van de aarde onder de 2 graden Celsius te houden ten opzichte van het pre-industriële tijdperk.

Nederland maakt onderdeel uit van een Europese delegatie met een gezamenlijk Europese inzet. 

Daarin worden drie doelstellingen geformuleerd: de CO2-uitstoot moet in 2030 met 40 procent zijn verminderd ten opzichte van 1990. Voor de lange termijn wordt de doelstelling van 80 tot 95 procent minder CO2-uitstoot gehanteerd voor 2050.

In 2030 moet verder het aandeel hernieuwbare energie minimaal 27 procent bedragen en de energie-efficiëntie moet met 27 procent zijn verbeterd.

Politici waarschuwen dat zij de laatste generatie zijn die dit probleem kunnen aanpakken en oplossen voordat het te laat is. Hoewel Nederland in Europees verband opereert, is niet iedereen het erover eens hoe de doelstellingen gehaald moeten worden. 

Een meerderheid in de Tweede Kamer wil op termijn de kolencentrales in Nederland sluiten. 

Sommige partijen willen de elf werkzame kolencentrales sluiten, die zijn namelijk verantwoordelijk voor de uitstoot van veel broeikasgassen.

Maar de energievoorziening moet ook betaalbaar blijven, bovendien hecht de regering aan de energiezekerheid. In Nederland zijn nog niet genoeg alternatieven om de kolencentrales te vervangen.  

PvdA en GroenLinks hebben een schets van een nieuwe klimaatwet opgesteld. Daarin staan doelen en manieren om die doelen te halen, maar nog niet alle partijen in politiek Den Haag lopen warm voor het idee.

De vorige conferenties ontaardden vooral in getouwtrek tussen grote blokken.

Landen als de Verenigde Staten, China, India, Europa en de ontwikkelingslanden wezen vooral naar elkaar.

Ook nu is er weinig hoop. Zo willen de VS en Canada niet dat de afspraken bindend zijn. Anders zouden ze kunnen worden gedwongen zich er aan te houden.

De klimaattop startte ruim twee weken na de bloedige aanslagen in de Franse hoofdstad en is daarom zwaar beveiligd. 

Plaats van handeling is Le Bourget in het noordoosten van Parijs, op een paar kilometer van het Stade de France, een van de doelen van de terroristen.

Ongeveer 2.800 agenten beveiligen het terrein. Tegelijk controleren 8.000 collega's de landsgrenzen, op vliegvelden en in havens. Demonstraties op straat zijn niet toegestaan.