Enigszins symbolisch voor het einde van de absolute hoogtijdagen van zwarte muziek is het voorval waarbij een jaloerse ex een bord kokende pap over Al Green uitstort en daarna zelfmoord pleegt.

De grote soulster van de jaren zeventig ziet dit merkwaardige incident als teken van de Here God en besluit voortaan 'die vunzige muziek' vaarwel te zeggen. In de jaren tachtig gaat hij zodoende door het leven als reverend Green.

In de jaren dat hij als predikant het evangelie verkondigt, in de Full Gospel Tabernacle Church in Memphis (Tennessee), brengt hij voornamelijk onschuldige gospelplaten uit. De vraag is dan ook: wie of wat zorgt er nu voor dat Al Green weer met een onvervalste soulplaat op de proppen komt?

Naar het schijnt komen de toeristen die naar zijn kerk toe komen om in het huwelijksbootje te stappen, hem zijn neus uit. In het persbericht gooit Green zijn terugkeer naar soul echter vooral op de belangstelling van de huidige generatie hiphop- en r&b-artiesten.

Lay It Down is een pact tussen jong en oud, waarbij producers Ahmir Thompson van The Roots en James Poyser een flinke vinger in de pap hebben. Neemt niet weg dat de gerespecteerde Green op dit comebackalbum nog altijd stug vasthoudt aan seventies soul en bijvoorbeeld niet opeens gaat rappen of iets dergelijks.

Opvallend hier zijn de sfeervolle en hemelse strijkarrangementen die de nodige diepgang en spanning meegeven aan de mierzoete liefdesballades. Verder zorgen duetten met koorknaapjes als John Legend, Corinne Bailey Rae en Anthony Hamilton voor een zekere afwisseling.

Duidelijk is wel dat de hogepriester Al Green op handen wordt gedragen, want deze gastmuzikanten schikken zich helemaal naar de herboren soulster en kerkbaas. Zo hoort het eigenlijk ook en blijft Al Green ook nog in zijn predikantenrol. Je zou er bijna een spontaan halleluja tegenaan gooien.

Meer audio/video, concertdata en achtergronden van Al Green vind je bij KindaMuzik.