Wekelijks legt NU.nl een opvoedvraag voor aan een expert of ervaringsdeskundige. Deze week is dat: "Het lukt maar niet om onze twaalfjarige zoon aan zijn huiswerk te krijgen. Dat is te zien aan de cijfers die hij haalt. Bovendien hebben we continu ruzie. Is het logisch dat ik gefrustreerd ben?"

Om 17.00 uur moet deze jongen van twaalf op schooldagen thuis zijn om zijn huiswerk te maken, tot zijn grote ergernis. Hij is liever buiten met vrienden aan het voetballen dan binnen Engelse woordjes aan het stampen. Is hij te laat, dan krijgt hij de wind van voren.

Is hij op tijd, "dan hangt hij wat boven zijn boek zonder echt te leren", vertellen zijn ouders. Zijn cijfers bevestigen dat beeld.

"Ik gun mijn kind heus speeltijd, maar het huiswerk moet nu eenmaal ook worden gedaan. Ik merk dat het echt tussen ons in komt te staan. We zitten hem telkens achter de broek aan. We voelen als ouders onmacht en frustratie, zeker als we eraan denken dat de middelbare school nog moet beginnen."

Wie is er de baas?

Tessa de Jong, orthopedagoog gespecialiseerd in leer- en gedragsproblemen in het onderwijs, herkent de frustratie van de ouders uit de gesprekken die ze bij zowel kinder- en jeugdpraktijk Een Stap Voor als in haar eigen praktijk Groei op eigen wijs voert.

"Vaak gaat het over de vraag wie de controle heeft over de afspraken die gemaakt zijn. Daar kan een machtsstrijd uit voortkomen", zegt De Jong. Bij sommige kinderen zit het in het karakter om zelf te willen beslissen wat ze wel en niet doen, bij andere kinderen komt dat rond de puberteit los. "De vraag is of het kind ook al de vaardigheden heeft om met die eigen wil in combinatie met verantwoordelijkheden zoals huiswerk om te gaan."

“Als volwassene heb je zicht op oorzaak en gevolg. Bij een twaalfjarige is dat nog volledig in ontwikkeling.”
Tessa de Jong, orthopedagoog

Als De Jong naar de casus kijkt, ziet ze meerdere dingen. "Als eerste zouden de ouders er goed aan doen zich in hun beginnende puberzoon te verplaatsen. Als volwassene heb je zicht op oorzaak en gevolg. Bij een twaalfjarige is dat nog volledig in ontwikkeling. Hij komt gewoon uit school en wil vrijheid, ontspannen met vrienden. Bij het woord 'moeten' gaat het voor hem al mis."

Het kan voor deze ouders helpen om zich eens in te lezen in hoe het puberbrein werkt, tipt de orthopedagoog. Op die manier kunnen ze beter begrijpen waarom hun zoon reageert zoals hij reageert.

Ruimte om controle terug te pakken

De Jong vraagt zich ook af in hoeverre het tijdstip van 17.00 uur door de ouders is opgelegd. Een gesprek daarover kan helpen.

"Vertel je kind objectief wat je ziet als het tijd is voor huiswerk - veel chagrijn, lelijke woorden - en vraag hoe dat komt. Leg uit dat huiswerk erbij hoort, dat jij daar als ouder niets aan kunt doen, maar vraag wel of je kunt helpen om van huiswerk een meer ontspannen bezigheid te maken. Op die manier sta je naast je kind en geef je hem ruimte om wat controle terug te pakken."

Laat je kind meedenken over hoe vaak per week, op welk tijdstip en op welke plek er geleerd wordt, adviseert De Jong. Reik daarnaast ook hulpmiddelen aan voor het leren zelf. De Jong: "Jij bent als ouder niet verantwoordelijk voor het cijfer, maar wel voor het proces van leren. Je kunt helpen door het huiswerk in stukjes op te delen of door af en toe te overhoren."

“Of je kind uiteindelijk wel of niet gaat leren, is ondergeschikt aan jullie interactie.”
Tessa de Jong, orthopedagoog

"En, heel belangrijk: spreek zowel erkenning ("ik zie dat je het lastig vindt") als vertrouwen ("dat heb je goed bedacht") uit. Geef het plan dat je samen met je kind hebt gemaakt echt een kans, bijvoorbeeld twee weken lang zonder dat je er tussendoor op terugkomt, en beloon succes. Zo leert deze zoon stap voor stap eigen verantwoordelijkheid dragen."

Blijven praten met je kind

En als het niet werkt? "Een van de belangrijkste onderdelen in de opvoeding is de interactie met je kind. Momenten van vertrouwen waarop je samen praat over wat er gaande is in zijn of haar leven. Of je kind uiteindelijk wel of niet gaat leren, is daaraan ondergeschikt."

Volgens de orthopedagoog kan het verschil maken welke ouder met de zoon in gesprek gaat, net als het moment van gesprek. "Als je zoon net van de PlayStation komt, wordt het lastig praten."

Helpt het allemaal niet, dan is het volgens De Jong verstandig eens bij de leerkracht aan te kloppen. En deel als ouders je frustraties eens met andere ouders. Je kunt beter met je eigen onmacht omgaan als je ontdekt dat je niet de enige bent die worstelt."