Met Pakjesavond voor de deur probeert iedereen nog snel zijn innerlijke dichtpiet wakker te schudden. Een goed sinterklaasgedicht is meer dan simpel rijm, weten professor Willem Koops en dichter Jan de Bas. "Sinterklaasgedichten dwingen je in de ander te verplaatsen."

"Het bijzondere aan Sinterklaas is dat jonge kinderen écht in die man geloven", aldus Koops, hoogleraar Ontwikkelingspsychologie. Dat komt door het "magisch denkvermogen", een manier om naar de wereld te kijken die er bij kinderen voor zorgt dat er weinig tot geen onderscheid tussen fantasie en realiteit is. De meeste kinderen behouden dit vermogen tot ze een jaar of vijf zijn - dezelfde leeftijd waarop de eerste kritische vragen over Sinterklaas beginnen te komen.

"Wanneer een kind gaat twijfelen, moet je dat niet tegenwerken", adviseert de hoogleraar. "Neem het proces serieus en leg uit dat je het sinterklaasverhaal vertelt om het feest leuker te maken. Vervolgens kan het kind meehelpen met dichten en inpakken. Wanneer ze zelf mogen meedoen, vorm je het verlies van een geloof om tot een fijne toegang in de volwassen wereld."

Spot is goed

Volgens Koops onderscheidt het sinterklaasgedicht het Sinterklaasfeest van alle andere feestdagen. "Gedichten zijn een speciale sinterklaastraditie. In die gedichten mag je kritiek hebben op mensen. Alleen in een sinterklaasgedicht mag ik bijvoorbeeld mijn volwassen zoons en dochters kinderlijk vermanen."

“Sinterklaas was een 'omkeerfeest', een festival waarin jonge mannen het een tijdje voor het zeggen kregen en de gevestigde orde vrij mochten bespotten.”
Willem Koops, hoogleraar Ontwikkelingspsychologie

De hoogleraar legt uit dat die traditie teruggaat tot in de Middeleeuwen, toen het Sinterklaasfeest nog een wekenlang volksfestijn was. "Sinterklaas was een 'omkeerfeest', een festival waarin jonge mannen het een tijdje voor het zeggen kregen en de gevestigde orde vrij mochten bespotten. Uit die tijd komt de traditie dat je met Sinterklaas alles mag zeggen wat je wil."

Geen wraak op Sinterklaasavond

Wie kritiekloze sinterklaasgedichten schrijft, mist dus de perfecte gelegenheid om humoristische kritiek te uiten. "Geef mij de naam van een cadeau, en ik kan er meteen een hele rij negatieve rijmwoorden bij bedenken", zegt Koops. "Een goed sinterklaasgedicht blikt terug op het voorafgaand jaar, evalueert je contacten en zet daar kritische en opvoedende voetnoten bij."

Die spot maakt de gedichten vaak ook grappiger om hardop voor te lezen, zeker wanneer je het feest met vrienden en familie viert. "Maar het moet wel lief en aardig blijven. Sinterklaas is niet het moment om oude conflicten op te graven. Pakjesavond is niet het moment om iemand te laten weten: 'Dit flik je me nooit meer!'" Wie twijfelt, kan volgens Koops het best flink overdrijven. "Als je genoeg overdrijft, kan alles humor worden. Dan is het net cabaret."

Sinterklaasrijm hoeft niet simpel te zijn

Het is fijn te weten wat een goed sinterklaasgedicht moet zijn, maar hoe schrijf je het? Cultuurhistoricus en dichter De Bas verdiepte zich samen met Arie Bijl in het sinterklaasgedicht voor de bloemlezing Sinterklaas: De mooiste Sinterklaasgedichten uit de Nederlandse literatuur. Zijn advies? Neem de tijd.

"Sinterklaasgedichten kunnen een soort persoonlijke kroniek zijn. Ze dwingen je om je in de ander te verplaatsen. Dat is een grote meerwaarde." Wie een gedicht schrijft, pakt er volgens De Bas dan ook gerust een agenda bij. "Dan kun je opzoeken wat er allemaal speelde bij die persoon."

“Een goed sinterklaasgedicht heeft niet eens eindrijm nodig, zolang het maar een strak ritme en een sterke cadans heeft.”
Jan de Bas, cultuurhistoricus

En hoewel een simpel rijmschema volgens De Bas prima is, kunnen de meer begaafde dichters zich volgens hen ook aan meer literaire sinterklaasgedichten wagen. "Een goed sinterklaasgedicht heeft niet eens eindrijm nodig, zolang het maar een strak ritme en een sterke cadans heeft. En als je het voor elkaar krijgt om er ook nog beeldspraak in te krijgen, kan het zelfs een literair gedicht worden."

Het enige dat je nu nog hoeft te doen, is zorgen dat het gedicht de voordracht overleeft. "Spreek met elkaar af dat je eerst even het eerste gedeelte in je hoofd leest, zodat je de voordracht meteen goed kunt beginnen."