Wanneer moet dat speentje echt de prullenbak in? Hoe zorg ik dat ik weer een nacht doorslaap en is het wel normaal dat mijn kleuter geen vriendjes heeft? Wekelijks legt NU.nl een opvoedvraag voor aan een expert of ervaringsdeskundige. Deze week is dat: 'Mijn kinderen ruziën de hele dag door. Hoe zorg ik dat ze minder bekvechten?'

Broers en zussen hebben een bijzondere band. Ze delen dezelfde ouders, groeien op in hetzelfde gezin en gaan jarenlang samen op vakantie. Maar ondanks die speciale relatie hebben de meeste kinderen meer ruzie met hun broer of zus dan met anderen. "Ouders zeggen vaak: ze kunnen niet met, maar ook niet zonder elkaar," vertelt kinder- en oudercoach Hermina Terpstra van Kindgeluk. "Ze vliegen elkaar in de haren, maar ze kruipen ook bij elkaar in bed. Dat is soms heel dubbel."

Sommige kinderen vinden het moeilijk om de aandacht van hun ouders te delen. "Als er een baby wordt geboren, kan een ouder kind onzeker worden: houden papa en mama nog wel genoeg van mij? Dat kan voor rivaliteit zorgen." Strijd tussen broers en zussen kan ook ontstaan door botsende karakters of het leeftijdsverschil. "Bijvoorbeeld als de oudste verbaal sterker is en de jongste daar nog niet tegenop kan. Die zal dan eerder fysiek worden."

“Kinderen wijzen al snel naar de ander. Ze vinden het lastig om hun eigen aandeel te erkennen.”
Hermina Terpstra, kindercoach

Ruzie hoort erbij

Liggen je kinderen met elkaar in de clinch? Accepteer de ruzie, adviseert Terpstra. "Strijd in huis hoort erbij. Als je vindt dat er geen ruzie mag zijn en denkt 'daar gaan ze weer', dan voel je je als ouder al snel gefrustreerd en moedeloos. Die negatieve gevoelens helpen niet." Ruziën kan ook leerzaam zijn, benadrukt de coach. Door ruzie te maken en op te lossen ontwikkelen kinderen sociale vaardigheden.

Thuis kunnen kinderen die vaardigheden in een veilige omgeving oefenen. "Een vriendje kan bij een heftige ruzie de vriendschap beëindigen, maar een broer blijft altijd je broer. Ook als je het niet met elkaar eens bent." Door te ruziën leren kinderen bijvoorbeeld om te gaan met emoties, grenzen aan te geven en rekening te houden met elkaar. Die vaardigheden nemen ze ook weer mee in het contact met leeftijdsgenootjes.

Probeer onpartijdig te zijn

Leer ze hun emoties en behoeften te uiten in woorden en compromissen te sluiten. Terpstra: "Dat betekent op een rustige manier overleggen, discussiëren en onderhandelen. Vaardigheden die ook in andere situaties goed van pas komen." Leer een kind ook naar zichzelf te kijken.

"Kinderen wijzen al snel naar de ander. Ze vinden het lastig om hun eigen aandeel te erkennen. Als ouder kan je ze helpen door je kinderen een spiegel voor te houden. Hoe zou jij het vinden als je zus dit bij jou deed? En wat ga je de volgende keer anders doen?"

Probeer onpartijdig te zijn. "Een valkuil is dat je als ouder gaat interpreteren. Maar in een interpretatie zit al snel een oordeel. Benoem alleen de feiten en geef beide kinderen de ruimte om hun verhaal te vertellen. Stel samen het probleem vast, help je kinderen om hun gevoelens en behoeftes te benoemen en geef ze de ruimte om een oplossing te bedenken, eventueel met jou als bemiddelaar."

Blijf positief

Vermijd of negeer een ruzie dus niet, tipt de kindercoach. "Haal je kinderen niet bij voorbaat al uit elkaar, uit angst dat ze elkaar in de haren vliegen. Geef ze ook het vertrouwen dat ze samen kunnen spelen en ruzies kunnen oplossen."

Is er vaak ruzie? Creëer een positieve sfeer, tipt de kindercoach. "Bijvoorbeeld door je kinderen bij het avondeten te laten vertellen wat ze leuk of lief aan elkaar vonden die dag. Zo leer je ze positief naar elkaar te kijken. Het is fijn als ze uiteindelijk goed met elkaar kunnen opschieten. Voor de meeste mensen is de relatie met hun broer of zus de langste van hun leven."