Wanneer moet dat speentje echt de prullenbak in? Hoe zorg ik voor babyvoeding zonder microplastics? En is het wel normaal dat mijn kleuter geen vriendjes heeft? Wekelijks legt NU.nl een opvoedvraag voor aan een expert of ervaringsdeskundige. Deze week: mijn kind is zo dominant dat ik haar meestal wel haar zin móét geven. Hoe ga ik daarmee om?

Een kind dat zo dominant is dat het altijd doordramt en boos wordt om zijn zin te krijgen en zo haast het hele huishouden bepaalt: dat is niet makkelijk voor een ouder.

"Een dominant kind noem ik liever een dwingend kind, en ze willen het liefst alles zelf bepalen", zegt Karla Mooy, opvoedkundige gespecialiseerd in 'pittige' kinderen. "Ze hebben behoefte aan controle en voorspelbaarheid, maar worden ook vaak niet goed begrepen door de ouders. Ze hebben behoefte aan veel eigen regie en kunnen vaak nog 'dominanter' worden als ze dit niet voelen."

“Het is beter om deze machtsstrijd niet met je kind aan te gaan, want dan gaat het van kwaad tot erger.”
Karla Mooy, opvoedkundige

Het voelen van onvoldoende autonomie en regie is inderdaad waarom een kind zich dominant kan gedragen, weet pedagoog Eva Bronsveld. Zij schreef het boek Temperamentvolle kinderen over dit onderwerp. "Als ze te weinig autonomie voelen, hebben ze de neiging overal tegenin te gaan. Daarnaast hebben dit soort kinderen ook behoefte aan verbinding en voorspelbaarheid."

Die voorspelbaarheid is voor dominante kinderen belangrijk om grip op dingen te krijgen. "Die grenzen hebben ze echt nodig. Door veel duidelijkheid en afgesproken regels te bieden, weet je kind wat hij kan verwachten en zal hij er minder tegenin gaan", aldus Mooy.

'Geef je kind het gevoel dat het regie en controle heeft'

Een machtsstrijd is volgens Mooy dan ook erg kenmerkend. "Het is beter om deze machtsstrijd niet met je kind aan te gaan, want dan gaat het van kwaad tot erger. Ze willen gewoon niet dat jij alles voor ze bepaalt, dus probeer dat zo min mogelijk in het moment te doen."

"Kies voor een opvoedingswijze waarbij je je kind niet de hele dag hoeft te sturen, maar waarbij je door een structuur van heldere afspraken zorgt dat er voldoende grenzen zijn. Zorg daarbij dat je kind het gevoel heeft dat het regie en controle heeft."

"Geef je kind bijvoorbeeld vaste snoepmomenten, zodat je kleine weet wanneer het ergens aan toe is, en laat je kindje dan ook kiezen welk snoepje het wil. Of maak een afspraak over wat een kind mag snoepen op een dag, maar hij kan zelf kiezen wanneer. Zo loopt je kind minder tegen de willekeur van de ouders aan, terwijl er wel begrensd wordt."

'Bewaar de nee voor de echt harde grenzen'

"Met een drammend, dominant kind kun je als ouder minder streng worden en toch zwichten, waardoor je 'nee' in een 'ja' verandert", aldus Bronsveld. "Maar als je eenmaal ergens 'nee' op zegt, kan je daar beter aan vasthouden. Anders blijft je kind denken dat het met drammen echt iets bereikt en wordt het alleen maar erger."

"Een goede tip is om in zo veel mogelijk situaties gewoon gelijk volmondig 'ja' te zeggen, en je néé te bewaren voor de echt harde grenzen. Zo hoef je minder vaak te zwichten wanneer je kind dramt, want je weet toch van jezelf dat de 'nee' betekent dat het écht niet kan of mag. Zo weet je kind ook beter waar het aan toe is, wat veel rust geeft, en krijgt het door dat het met zijn dominante gedrag weinig bereikt."