Wanneer moet dat speentje echt de prullenbak in? Hoe zorg ik voor babyvoeding zonder microplastics? En is het wel normaal dat mijn kleuter geen vriendjes heeft? Wekelijks legt NU.nl een opvoedvraag voor aan een expert of ervaringsdeskundige. Deze week: 'We hebben bewust gekozen voor één kind, maar mijn dochter voelt zich alleen. Hoe ga ik daarmee om?'

In haar praktijk in Oss hoort psycholoog Nicole Honneff regelmatig het woord 'eenzaamheid' vallen in gesprekken met enig kinderen. "Natuurlijk zie ik hier vooral mensen die op een of andere manier zijn vastgelopen in hun leven", beseft de psycholoog. "En ook als je opgroeit in een groot gezin kun je je eenzaam voelen. Maar ik denk wel dat een enig kind zich over het algemeen vaker alleen voelt dan een kind dat opgroeit met een broer of zus."

Nederlandse vrouwen beginnen steeds later aan kinderen. Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat vrouwen in 1970 gemiddeld 24,3 jaar waren bij de geboorte van hun eerste kind, in 2019 was dat al 30 jaar. Het aantal kinderen per vrouw daalt bovendien. In 1950 kreeg een vrouw gemiddeld 3,1 kinderen, in 2018 was dit nog maar 1,59. Gezinnen worden dus steeds kleiner.

Een broertje voor een middag

Sommige ouders houden het bewust bij één kind. Voor andere ouders is gezinsuitbreiding wel een wens, maar medisch gezien geen optie. Wat doe je als je kind toch vraagt om een broertje of zusje? "Onderzoek waar die wens vandaan komt en wat er precies speelt", adviseert Honneff. "Is het een bevlieging of een diepgevoeld gemis? Misschien heeft je kind een middag bij een vriendje met een leuk broertje gespeeld, en was het alleen een bevlieging."

“Enig kinderen hoeven hun speelgoed niet te delen, worden niet gepest door een broer of zus en zijn vaak ondernemender.”

Als klein meisje had Honneff zelf maar één wens voor Sinterklaas: een broertje of zusje. "Ik heb heel lang briefjes geschreven in de hoop dat mijn wens in vervulling zou gaan. Bij mij was het duidelijk geen bevlieging. Mijn moeder heeft toen uiteindelijk zo simpel mogelijk uitgelegd dat een tweede kind voor haar medisch gezien geen optie was. Dat begreep ik. Toen was ik wel klaar met briefjes schrijven."

Maar het gemis bleef. De psycholoog adviseert ouders om goed uit te leggen waarom er geen broertje of zusje komt en die uitleg af te stemmen op de leeftijd en beleving van het kind. "Maar erken ook zijn behoefte en gevoelens", tipt Honneff. "Je kunt je kind daarin tegemoetkomen door bewuste keuzes te maken. Ga je op vakantie naar een camping met veel kinderen of kies je voor een hutje op de hei? Woon je in een wijk met veel gezinnen of juist niet?"

'Wanneer komt de volgende?'

Honneff adviseert ouders ook om zich bewust te zijn van wat een kind kan tegenkomen doordat het enig kind is. "Erken je kind in zijn bijzondere positie en bespreek wat dit betekent." Zowel ouders als enig kinderen kunnen tegen hardnekkige vooroordelen aanlopen. "Na de geboorte van een eerste kind is de vraag vaak: wanneer komt de volgende? Die vraag kan heel pijnlijk zijn." Ook kinderen krijgen vaak te maken met vooroordelen. "Zelf vond ik het idee dat ik verwend zou zijn het meest vervelend. Ik zou thuis alles mogen en krijgen - dat was absoluut niet zo."

Een oplossing is niet altijd voorhanden. "Als je kind zich eenzaam blijft voelen, dan kun je proberen om het netwerk rond je kind groter te maken. Bijvoorbeeld door vaker nichtjes en neefjes op te zoeken. Maar dat is niet altijd een optie." Het kan ook helpen om de voordelen van enig kind zijn te benoemen, denkt de psycholoog. "Enig kinderen hoeven bijvoorbeeld hun speelgoed niet te delen, worden niet gepest door een broer of zus en zijn vaak ondernemender. Maar uiteindelijk is erover praten en de gevoelens van je kind erkennen misschien wel belangrijker dan het bieden van een oplossing."