Wanneer moet dat speentje echt de prullenbak in? Hoe zorg ik voor babyvoeding zonder microplastics? En is het wel normaal dat mijn kleuter geen vriendjes heeft? Wekelijks legt NU.nl een opvoedvraag voor aan een expert of ervaringsdeskundige. Deze week is dat: 'Mijn kind liegt. Is dat een probleem?'

Liegen heeft een negatieve connotatie, beseft orthopedagoog Rianne Kok, die aan de Erasmus Universiteit Rotterdam onderzoek doet naar liegen binnen gezinnen. "Bij kinderen vinden we liegen al snel moreel verkeerd, maar de realiteit is dat we het allemaal doen." Volwassenen liegen gemiddeld zo'n twee keer per dag. "Vaak vanuit een heel positieve intentie. Bijvoorbeeld om een ander niet te kwetsen. Maar dat we zelf regelmatig liegen, lijken we nog weleens te vergeten als het om leugens van kinderen gaat."

Bij jonge kinderen kan liegen zelfs een teken van ontwikkeling zijn. "Peuters kunnen nog niet goed liegen", legt Kok uit. "Ze hebben niet door dat wat zij zelf weten, niet hetzelfde is als wat een ander weet." Pas rond de kleuterleeftijd leert een kind zich te verplaatsen in een ander. "Dan snapt een kind: als ik stiekem een koekje heb gepakt en papa zag het niet, dan weet hij niet dat het gebeurd is. Dat inzicht opent de deur om een leugen te kunnen vertellen."

Liegen hoort er gewoon een beetje bij

Het is heel gebruikelijk dat kinderen liegen, benadrukt Kok. "Bij experimentjes waarbij we kinderen een spelletje laten spelen dat ze onmogelijk kunnen winnen, zien we dat veel kinderen vals gaan spelen om toch een prijsje te winnen. Als we achteraf vragen of ze eerlijk hebben gespeeld, liegt de meerderheid. Dat is niet direct een reden om ons zorgen te maken. Liegen hoort er gewoon een beetje bij. Voor volwassenen, maar ook voor kinderen."

Wanneer wordt liegen wél een probleem? Volgens de orthopedagoog speelt de hoeveelheid leugens een rol, zonder een exact aantal te kunnen noemen, maar ook het soort leugens. "Dan gaat het niet over een koekje dat je stiekem hebt gepakt, maar om leugens die grote gevolgen hebben. Het liegen komt dan vaak voor in een groter patroon van problematisch gedrag. Denk bijvoorbeeld aan kinderen die regelmatig grensoverschrijdend gedrag laten zien, in de problemen komen op school en daarover liegen."

Kinderen blijven liegen op het moment dat het loont, constateert Kok. "Bij de groep problematische leugenaars zien we vaak dat er heel weinig supervisie is. Dus dat ouders niet in de gaten hebben waar hun kinderen mee bezig zijn. Daarnaast zien we dat een buitensporig hardhandige opvoeding ten grondslag kan liggen aan problematisch liegen. Uit angst voor een zware straf liegt een kind dan de boel bij elkaar."

Altijd eerlijk zijn is niet realistisch

In een doorsnee gezin worden dagelijks leugens verteld, maar problematisch liegen is zeldzaam. Kok adviseert ouders om zich bewust te zijn van hun voorbeeldrol, omdat kinderen vaak het gedrag van hun ouders imiteren. "Ouders herkennen hun eigen gedrag vaak terug in dat van hun kinderen. 'Oei, dat doe ik ook'. Als je veel liegt, draag je impliciet een norm over. Dat de waarheid vertellen niet altijd belangrijk is bijvoorbeeld. Dat is goed om te beseffen."

“Als je kinderen de norm oplegt om altijd eerlijk te zijn, dan bereid je ze niet voor op de realiteit. En misschien stel je daarmee wel hogere eisen aan je kind dan aan jezelf.”
Rianne Kok, orthopedagoog

Kok merkt dat haar onderzoek ouders aan het denken zet. "Wanneer vind jij liegen geoorloofd en wanneer niet? En wat wil ik mijn kind hierover meegeven? Daarin maakt iedere ouder zijn eigen afwegingen." Je kind zo proberen op te voeden dat het altijd eerlijk is, vindt de orthopedagoog niet realistisch. "Misschien moeten we dat ook niet willen. Liegen is sterk verweven in ons sociale verkeer. Als je kinderen de norm oplegt om altijd eerlijk te zijn, dan bereid je ze niet voor op de realiteit. En misschien stel je daarmee wel hogere eisen aan je kind dan aan jezelf."